Belichting: stops, diafragma, scherptediepte en beweging

avond-nacht-fotografieElke maand besteden we speciale aandacht aan een nieuw boek uit het fonds van Van Duuren Media. Het boek van de maand januari is Focus op Fotografie: Avond- en nachtfotografie van Jeroen Horlings en Kees Krick. Op het blog geven we wat voorproefjes uit het boek. Dit is het tweede deel uit hoofdstuk 5 over het maken van de juiste belichting van een foto. In dit voorproefje uit het boek worden de ‘stoppen’ van de belichting behandeld, of je uit de hand of van een statief moet fotograferen en leer je alles over diafragma en scherptediepte en sluitertijd en beweging. Het eerste deel uit dit hoofdstuk over ‘belichting’ vind je HIER, het derde deel vind je HIER. Het interview met de beide auteurs vind je HIER en HIER. (H.F.)

Stops

Diafragma, sluitertijd en lichtgevoeligheid bepalen samen als een drie-eenheid de belichting van de foto. Elke van de drie lichtregelaars is in vaste stappen aan te passen. Zo’n stap wordt een stop genoemd. Elk stapje in de ene richting is steeds een verdubbeling van de hoeveelheid licht. Kiest u een stap in de andere richting, dan halveert de hoeveelheid licht. Gaat u in de tabel van het diafragma een stap naar rechts en in de tabel van de sluitertijd een stap naar links, dan komt u op exact dezelfde hoeveelheid licht uit. De ene verdubbelt namelijk, terwijl de tweede tegelijkertijd halveert. Vandaar dat u vele combinaties van diafragma, sluitertijd en ISO-waarde kunt kiezen, terwijl ze allemaal exact dezelfde hoeveelheid licht opleveren. Bij de ene staat het diafragma wat verder open, bij een andere is de sluitertijd iets langer of is de ISO-waarde hoger. U (of de camera) mag bepalen hoe u de drie lichtregelaars instelt. In de camera zit dus een soort supermengkraan.

Lichtgevoeligheid (ISO waarde) is de redder in nood als er weinig licht is (40 mm, f/4, 1/30 sec, ISO 1600).
Lichtgevoeligheid (ISO waarde) is de redder in nood als er weinig licht is (40 mm, f/4, 1/30 sec, ISO 1600).

Uit de hand of met statief

Dankzij de mengkraan in uw camera, kunt u kiezen of u uit de hand fotografeert, of liever vanaf een statief werkt. Door een hoge ISO-waarde te kiezen en het diafragma wat verder open te zetten, blijven de sluitertijden snel genoeg om uit de hand te fotograferen. Nadeel is dat de technische fotokwaliteit lager zal zijn, omdat er meer ruis ontstaat. Stel de ISO-waarde liever niet hoger in dan strikt noodzakelijk is. U bent in ieder geval wel wendbaar omdat u niet met een statief hoeft rond te lopen en snel op situaties kunt inspringen.

Werkt u liever vanaf statief, dan is het een idee om de ISO-waarde zo laag mogelijk in te stellen. De technische fotokwaliteit zal dan hoog zijn. Want waarom zouden we de ISO-waarde hoog instellen en extra ruis riskeren, als de camera toch niet wordt vastgehouden. Een reden zou kunnen zijn, dat u ondanks het statief de sluitertijd binnen de perken wilt houden. Want misschien wilt u best een minuut op een foto wachten, maar liever geen kwartier.

Dankzij de mengkraan van uw camera, kan onder variërende (licht)omstandigheden goed belicht worden (55 mm, f/22, 60sec, ISO 100).
Dankzij de mengkraan van uw camera, kan onder variërende (licht)omstandigheden goed belicht worden (55 mm, f/22, 60sec, ISO 100).

Samengevat, gebruiken we bij avond- en nachtfotografie een groot diafragma en een hoge ISO-waarde voornamelijk om zo lang mogelijk uit de hand te kunnen werken. Staat het toestel stevig op een statief, dan zijn we vrijer in de keuze van het diafragma en nemen we bij voorkeur een lage ISO-waarde. Dat werken vanaf statief ‘s avonds en ’s nachts eigenlijk altijd de voorkeur heeft, laten we ook zien. U maakt er namelijk de meest bijzondere en sfeervolle beelden mee. Totaal andere beelden dan wanneer u uit de hand werkt.

Scherptediepte en beweging

Diafragma en sluitertijd zijn niet alleen lichtregelaars. Als dat wel zo was, zouden camerafabrikanten een van beide lang geleden hebben laten vervallen. Want waarom twee regelaars in een camera bouwen als het ook prima met eentje lukt? De instellingen hebben echter nog een ander effect. Met het diafragma regelt u de scherptediepte. De sluitertijd bepaalt hoe bewegende voorwerpen op de foto komen.

Scherptediepte en hoe bewegingen op de foto komen, bepaalt u met het diafragma en de sluitertijd (23 mm, f/8, 30 sec, ISO 100).
Scherptediepte en hoe bewegingen op de foto komen, bepaalt u met het diafragma en de sluitertijd (23 mm, f/8, 30 sec, ISO 100).
Diafragma en scherptediepte

Scherptediepte is iets anders dan scherpstellen. Met de camera stelt u scherp op het hoofdonderwerp. Daarnaast is het de bedoeling dat een bepaald gebied scherp op de foto komt. Dat kan het gezicht van een model zijn, of juist alleen de ogen. Een auto, of alleen een detail zoals een schitterende koplamp waar we de aandacht op willen vestigen.

Het gebied van voor tot achter het onderwerp (gezien vanuit u en de camera) dat scherp op de foto moet komen, noemen we scherptediepte. Scherptediepte wordt door een paar factoren bepaald. De belangrijkste zijn het diafragma en de afstand tot het onderwerp. Bij een grote lensopening (kleine diafragmawaarde) hebt u weinig scherptediepte. Bij een kleine opening (grote diafragmawaarde) juist veel. Op korte afstand van een onderwerp hebt u weinig scherptediepte en fotografeert u vanaf een afstand, dan hebt u veel scherptediepte.

Sluitertijd en beweging

Wat de sluitertijd betreft, geldt dat u snelle tijden nodig hebt om alles wat in beeld beweegt te bevriezen. Zodat het onbewogen oftewel scherp op de foto komt. Kiest u een langzame sluitertijd, dan komen bewegende voorwerpen juist bewogen op de foto, zodat ze in een bepaalde mate vervagen. Dit komt doordat ze zich verplaatsen gedurende de tijd dat de sluiter openstaat. Hoe sneller een onderwerp beweegt, hoe sneller de sluitertijd moet zijn om het scherp op de foto te krijgen. Is er weinig of geen beweging, dan mag er gerust een langzame sluitertijd gebruikt worden.

‘s Avonds en ‘s nachts fotograferen we bij weinig licht. De kans is daarom groot dat de sluitertijd zo lang wordt dat foto’s onscherp worden doordat de camera lichtjes in onze hand trilt. De ISO-waarde ophogen kan dit probleem verhelpen, met als gevolg dat de beeldkwaliteit achteruit gaat. Zet u de camera op een statief, dan heft u de trillingen van het vasthouden op. Dat wil niet zeggen dat er nooit meer iets onscherp op de foto komt. Want bewegende voorwerpen kunnen nog wel vervagen.

Meer lezen? Koop dan het boek Focus op fotografie: Avond- en nachtfotografie bij de uitgever, of bij je favoriete online boekhandelaar of bij de boekhandelaar om de hoek.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.