fundamentele camera-instellingen

Fundamentele camera-instellingen

Handboek Fotografie, 11e editie

Door een aantal fundamentele camera-instellingen aan te houden, voorkomt u (een hoop) mislukte foto’s, of foto’s waar achteraf nog een hoop werk aan blijkt te zitten. In mijn nieuwe Handboek Fotografie, 11e editie stel ik ze aan u voor. En u vindt er nog gigantisch veel andere tips in terug om fotograferen tot een succes te maken!

U bent van uw telefoon of automatische compactcamera overgestapt naar een ‘echte’ camera om voortaan betere foto’s te maken. Nooit meer een bewogen foto, te donkere opnamen, verkeerde kleuren, veel ruis of een harde flits met rode ogen. Al die ‘missers’ kunnen met een high-end compactcamera of een systeemcamera inderdaad tot het verleden behoren, mits u de camera op de juiste manier heeft ingesteld. En dat is in het begin niet altijd even eenvoudig gezien de vele knopjes en menuopties. Daarom volgt nu een soort ‘instellingenrecept’ om zonder diepgaande kennis van zaken toch in tachtig tot negentig procent van de gevallen technisch goede foto’s te maken. Neem er ook de handleiding even bij om zo de betreffende term, knop of menuoptie voor uw specifieke camera te vinden.

Instellingenrecept

  • Zet het menu van de camera op Nederlands en stel de juiste tijd in.
  • Zet het bestandsformaat op JPEG (Fine, hoge kwaliteit) en op RAW. De JPEG’s zijn een soort kant-en-klaar foto’s, die u snel kunt mailen of delen via de social media. RAW is een digitaal negatief en daarmee hebt u achteraf nog 100% controle over kleur, helderheid en detail voor de hoogste kwaliteit.
  • Kies voor het belichtingsprogramma Diafragmavoorkeur (A-stand, Aperture priority). U regelt dan zelf de grootte van de lensopening en laat de camera ISO en sluitertijd bepalen. Een grote lensopening (= groot diafragma: f/1,8 tot f/4) laat veel licht door, zodat de sluitertijd kort kan zijn (scherpe foto) en de ISO-gevoeligheid laag blijft (weinig ruis).
fundamentele camera-instellingen
  • Zet de camera op Auto ISO en kies daarbij een zo groot mogelijk ISO-bereik. In de A-stand hoeft u dan niet bang te zijn voor een te lange sluitertijd bij weinig licht en voorkomt daarmee bewogen foto’s.
  • Zet de interne Lichtmeetmethode (Lichtmeting, Metering) van de camera op Matrix (Patroon, Meervlaks, Evaluatief), zodat de camera de belichting baseert op het gehele zoekerkader. Ga niet onnodig ‘rommelen’ met andere lichtmeetmethoden (Deelmeting, Spotmeting), maar corrigeer een te donkere of te lichte foto met de Belichtingscorrectie (Belichtingscompensatie, Exposure compensation). Bij een donker onderwerp (bos) gebruikt u een negatieve belichtingscompensatie (-1 of 2 Ev) en bij een licht onderwerp (sneeuw, tegenlicht, witte achtergrond) een positieve waarde (+1 tot +2 Ev).

TIP In plaats van het belichtingsprogramma Diafragmavoorkeur (A-stand) kunt u ook kiezen voor Program (P-stand). U heeft dan met Belichtingscompensatie nog steeds volledige controle over de belichting van uw opnamen, maar u hoeft zich geen zorgen meer te maken over het diafragma en u kunt uw aandacht volledig richten op het onderwerp. Wilt u alles over de P-stand weten, zoals bijvoorbeeld Program Shift, kijk dan eens naar dit artikel op EOSzine.nl: http://bit.ly/1xdDR5k

• Zet de Witbalans op automatisch (AWB), zodat u bij verschillende lichtbronnen met een wisselende kleurtemperatuur (Gloeilamp: 3000K, warmgeel. Daglicht: 5000K, wit. Schaduw: 7000K, blauw) toch een redelijk natuurgetrouwe kleurweergave krijgt. Een etentje bij kaarslicht is bij AWB mogelijk iets warm van kleur (gelig) en een winterse foto met schaduw kan koel zijn (iets blauw), maar dat past wel bij het onderwerp. In RAW kunt u de witbalans achteraf nog aanpassen zonder verlies van kwaliteit. Pas op met vooraf ingestelde of eigengemaakte witbalansen. Als u voor een binnensessie de WB-instelling Gloeilamp gekozen hebt, u zet de camera uit en de volgende dag gaat u buiten foto’s nemen, dan zullen deze allemaal heel erg blauw zijn, omdat de camera nog steeds denkt dat u bij kunstlicht fotografeert. Met de automatische witbalans zal u dit niet overkomen.

• De kleuren en het contrast van een jpeg-foto kunt u in de camera beïnvloeden met een vooringesteld profiel (Beeldstijl, Picture control, Creatieve stijl) met namen als Standaard, Levendig, Portret, Landschap, Monochroom (zwart-wit, sepia) en Neutraal. Zet de camera op Standaard voor de beste resultaten. Dergelijke profielen hebben geen invloed op raw-foto’s als u deze bewerkt in Lightroom. U kunt dan zelf nog profielen kiezen, waaronder uitgebreid zwart-wit.

fundamentele camera-instellingen

• Kies als kleurruimte van de jpeg-opnamen voor sRGB. Deze sluit het beste aan bij uw beeldscherm en bij het kleurbeheer van afdrukcentrales en printers. Het alternatief voor gevorderd kleurbeheer is AdobeRGB. Die kunt u bij RAW altijd achteraf nog kiezen. Voordeel van sRGB is tevens dat de bestandsnaam van de foto’s niet met een liggend streepje begint, dus DSC1234 en IMG1234 in plaats van _SC1234 of _MG1234, als AdobeRGB ingesteld is.

• Zet de beeldstabilisatie van de camera of van de lens altijd op Aan. U beperkt daarmee de onscherpte die ontstaat door geringe beweging van de camera als u uit de hand fotografeert.

• Gebruik de automatische scherpstelling (Autofocus, AF) en kies daarbij het middelste scherpstelpunt, zodat de camera niet zelf het (verkeerde) scherpstelpunt kiest. Het centrale AF-punt is het meest gevoelig voor contrast en werkt ook nog bij minder licht of op effen oppervlakken. Stel met het genoemde AF-punt scherp op het hoofdonderwerp door de ontspanner half in te drukken. Houd de ontspanknop half ingedrukt en verplaats het kader iets naar links/rechts of boven/ onder om het hoofdonderwerp een beetje uit het midden van de foto te zetten. Druk tenslotte de ontspanknop geheel in om de foto te nemen. Dit heet herkaderen.

• Zet de AF-modus op statisch (One Shot, AF-S) voor stilstaande onderwerpen of op dynamisch (Servo, AF-C) als een onderwerp naar of van de camera beweegt.

Alleen M-stand pro…?

Veel beginnende vrijetijdsfotografen met een high-end compactcamera of een systeemcamera wordt verteld dat de M-stand de enig juiste manier is om een camera te bedienen en om goede foto’s te maken. Dan pas heb je echte controle over belichting. Het woord ‘automatisch’ wordt een amateuristische lading gegeven.

fundamentele camera-instellingen
Een foto met gelijke helderheid. Links gemaakt in de M-stand, rechts in de A-stand.

Een foto gemaakt in de M-stand met 1/60s, f/4 en ISO 100 op basis van de interne lichtmeter zal echter precies dezelfde helderheid hebben als wanneer die drie waarden in de P- of A-stand door de camera worden gekozen. Wil je in de P-, A- of T/S-stand (halfautomaat) dat een foto donkerder of lichter moet zijn, dan gebruik je daarvoor de belichtingscompensatie.

Vertrouw ‘intelligentie’ van de programma’s P, A en T/S

fundamentele camera-instellingen

Overigens heeft de M-stand alleen maar betrekking op de belichting van de opnamen. Wilt u ook alle andere automatiek van de camera uitschakelen, dan moet u bovendien gaan werken met een handmatige witbalans en handmatig scherpstellen. Alleen in een geconditioneerde studio met een losse lichtmeter is dat misschien praktisch, maar ‘in het veld’ met veel wisselende lichtomstandigheden bent u dan zo druk bezig met instellen, dat u geen tijd en aandacht meer hebt voor het onderwerp, waardoor u dus mooie momenten zult missen. Vertrouw op de ‘intelligentie’ van de programma’s P, A en T/S (met matrixmeting en belichtingscompensatie), op de automatische witbalans en op de automatische scherpstelling. In 95% van de gevallen zullen uw foto’s dan technisch goed van helderheid, kleur en scherpte zijn, terwijl u alle aandacht aan het onderwerp hebt kunnen geven. Naarmate u meer ervaring opdoet en de materie van belichting helemaal ingesleten is, kunt u – wanneer dat nodig en praktisch is – tijdelijk overstappen op de M-stand (bij voorkeur dus in combinatie met een losse lichtmeter). Want de M-stand kan soms (studio of flitsen) heel behulpzaam zijn, net zoals de P-, A- en T/S-stand dat in andere gevallen kunnen zijn. Er bestaat namelijk geen beste of één-eenduidig belichtingsprogramma.

Handboek Fotografie, 11e editie

Handboek Fotografie, 11e editie

Het Handboek Fotografie is bij alweer de 11e editie aanbeland en hét standaardwerk voor fotografen. Dit boek vormt de basis voor vele tienduizenden enthousiaste fotografen! 

U bent de trotse eigenaar van een digitale systeemcamera (spiegelreflex of spiegelloos), waarmee u prachtige foto’s kúnt maken. Met de nadruk op kunt, want het is een misvatting te veronderstellen dat zo’n camera een toverdoos is waarmee elke foto meteen een (technische) voltreffer wordt. Gedachteloos fotograferen met een systeemcamera – zoals met een telefoon – levert in tachtig procent van de gevallen misschien wel een leuk kiekje op, maar zal zelden tot een winnaar leiden. Kennis van de fotografische basisprincipes en de bediening van het gereedschap vormen een onmisbaar fundament om volledige controle te kunnen hebben over het eindresultaat. Maar ook met voldoende kennis en vaardigheden resulteert een druk op de ontspanner nog steeds niet altijd in een perfecte foto. Zaken als een goede voorbereiding, inleving in het onderwerp, ervaring, geduld en niet te vergeten inspiratie, zijn vaak nog veel belangrijker om onderscheidend te kunnen fotograferen.


In dit boek daarom de katernen FUNDAMENT, PRAKTIJK, BEELDBEWERKING en INSPIRATIE, die ingaan op alle facetten van (digitale) fotografie en uw motivatie en creativiteit prikkelen met inspirerende tekst, foto’s en illustraties. Zo bent u snel bekend met zaken als stopjes en trapjes, met Live View, RAW en kleurbeheer en met macro en portret. Visies van toonaangevende fotografen vullen het geheel aan. We sluiten af met portfolio’s van prof. mr. Pieter van Vollenhoven en Johan van de Watering, aangevuld met twee leuke fotoreportages. Het standaardwerk voor fotografen, meer dan 35.000 exemplaren verkocht!

  • Insectenfotografie voor beginners
    Insectenfotografie voor beginners: Leer het van Mark Overmars in zijn nieuwe boek

    Het maken van mooie foto’s van insecten kan iedereen leren. Met beperkte apparatuur, wat basiskennis en een aantal eenvoudige technieken kan ook jij in korte tijd spectaculaire foto’s van insecten maken. Het boek Focus op fotografie: Insectenfotografie laat je dat zien. Mark Overmars, de auteur van het boek, is een amateurfotograaf die begon met vrijwel…

  • Apple en AI
    Apple en AI: een andere benadering

    De combinatie Apple en AI gaat waarschijnlijk privacyvriendelijker worden en bovenal offline werken. Dat is goed nieuws dus!

  • De magie van sterrensporenfotografie: Interview met Nando Harmsen. ©Nando Harmsen
    De magie van sterrensporenfotografie: Interview met Nando Harmsen

    De sterren draaien onverstoord rondjes rond de poolster. Maak je bij het fotograferen van de sterren je belichtingstijd lang genoeg, dan vormen deze schitterende puntjes aan de nachtelijke hemel streepjes in de foto. Hoe langer je belicht, hoe langer de sporen worden tot ze als prachtige cirkels in de foto te zien zijn. Het mooiste…

  • Leer Photoshop met Adobe Photoshop Classroom in a Book 2024: De officiële training voor beginners
    Leer Photoshop met Adobe Photoshop Classroom in a Book 2024: De officiële training van Adobe

    De serie Classroom in a Book van Adobe biedt de officiële trainingen voor de belangrijke Adobe-applicaties Photoshop, Illustrator en InDesign. Met behulp van deze boeken leer je werken met deze applicaties, waarbij je de belangrijkste technieken onder de knie krijgt, waardoor je op weg kunt met je eigen creaties. Elk jaar verschijnt er een nieuwe…

  • Inspiratie en tips en trucs voor de perfecte dronefoto met het boek 'Dronefotografie'
    Inspiratie en tips en trucs voor de perfecte dronefoto met het boek ‘Dronefotografie’

    Negen jaar geleden verscheen het boek Dronefotografie, over de beginselen van dronevliegen en dronefotografie. Inmiddels is de dronetechnologie enorm geëvolueerd, de regelgeving voor het vliegen met drones flink gewijzigd en is de maatschappelijke acceptatie van drones veranderd. Reden voor een vierde, uitgebreid herziene editie van het boek. Het nieuwe boek geeft je inspiratie voor het…

  • 9 praktijklessen voor InDesign, Photoshop en Illustrator
    9 praktijklessen voor InDesign, Photoshop en Illustrator

    Als je de Help-functie van Photoshop, Illustrator of InDesign helemaal hebt doorgenomen, betekent dat nog niet dat je met die applicaties kunt werken. Om écht iets te kunnen maken met die drie applicaties, heb je het boek ‘Negen praktijklessen in InDesign, Photoshop en Illustrator‘ nodig. Het is niet het zoveelste boek waarin wordt uitgelegd hoe…

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.