Handboek Internetresearch & datajournalistiek: Een onderzoek structureren

Handboek Internetresearch & datajournalistiek

Het boek van de maand september is het Handboek Internetresearch & datajournalistiek van Andrew Dasselaar en Jerry Vermanen. We plaatsen deze maand wat voorproefjes uit het boek en interviewen een van de auteurs. Het boek is geschreven voor journalisten, studenten, wetenschappers en andere nieuwsgierige mensen, die willen weten hoe ze onderzoeksvragen beter kunnen formuleren en zo betere antwoorden te krijgen. Hieronder kun je het eerste voorproefje lezen.  Het is het eerste deel van hoofdstuk 1: het formuleren van een goede onderzoeksvraag; het onderzoek structureren. (H.F.)

Een onderzoek structureren

Voordat je gaat googlen, op allerlei specialistische fora gaat rondsnuffelen, een scraper gaat maken of een crawler op het web loslaat, moet je weten wat je gaat zoeken. Een ingewikkelde zoekopdracht lijkt op de welbekende speld in de hooiberg. Maar voordat je gaat zoeken naar een speld, moet je weten of je niet op zoek bent naar een naald, een draad, een naaimachine of naar de hooiberg.

Wat is je hoofdvraag?

Je hebt maar één ding nodig om een goede onderzoeksvraag te formuleren. En in principe heeft iedereen het. De een heeft het in hogere mate dan een ander, maar je kunt het ontwikkelen en er beter in worden. Het kan zijn dat je dit op een bepaald vlak wel hebt en op andere vlakken totaal ontbeert. En sommige mensen ontwikkelen het zo goed dat het een wezenlijk onderdeel van hun werk is. We hebben het natuurlijk over nieuwsgierigheid.

Nieuwsgierige mensen dagen zichzelf uit om meer te weten te komen over de wereld om hen heen. Maar het lastige van nieuwsgierigheid kan ook zijn dat je niet precies weet wat je eigenlijk wilt weten. Daarom helpen wij jou in dit hoofdstuk met het formuleren van een goede onderzoeksvraag.

Voordat je nog maar een letter hebt getypt, of zelfs je laptop hebt aangezet, moet je al hebben nagedacht wat de hoofdvraag van jouw onderzoek is. Hier bepaal je je ambities: wordt het een eenvoudige vraag (tot hoe laat is de supermarkt open?) of ga je onderzoeksjournalistiek doen (welke landbouwbedrijven hebben de afgelopen jaren subsidie ontvangen voor duurzaam beleid?).

Ook bepaal je met jouw zoekvraag welke middelen je gaat toepassen. In veel gevallen kom je ermee weg door domweg te googlen. Maar hoe ambitieuzer jouw vraag, hoe meer moeite je moet doen om tot een bevredigend antwoord te komen.

Een ambitieuze zoekvraag betekent ook dat andere personen die vraag waarschijnlijk nog niet hebben gesteld. En nog minder personen zullen tot het antwoord zijn gekomen. Hoe tof is het dat je een van de eerste personen bent die een ingewikkelde vraag kan beantwoorden? Spoiler: erg tof.

De hypothese

Om een goede onderzoeksvraag te stellen, moet je eerst een zogeheten hypothese opstellen. Een hypothese is de verwachte, maar nog niet bewezen uitkomst van je onderzoek.

In de wetenschap moet je dit heel secuur formuleren, maar voor ons doel (een goede onderzoeksvraag formuleren) snijden we een paar bochten af. Alsnog is het van belang om hier even bij stil te staan. Wat verwacht je als uitkomst?

Vervolgens kun je in een onderzoeksvraag specifieker formuleren wat en hoe je gaat researchen. Een goed doordachte hypothese maakt jouw onderzoeksvraag gelijk een stuk scherper en je zoekopdracht eenvoudiger. Een paar voorbeelden:

  • Hypothese: De supermarkt is vandaag tot 20.00 uur open. Onderzoeksvraag: Kan ik online opzoeken wat vandaag de openingstijden van de supermarkt zijn?
  • Hypothese: Ik heb hoge koorts, misselijkheid, en waarschijnlijk griep. Onderzoeksvraag: Is er een forum waar ik mijn gezondheidsklachten kan invullen om te zien of ik griep heb?
  • Hypothese: Politici hebben nepvolgers op sociale media. Onderzoeksvraag: Kan ik door middel van opensourcesoftware bewijzen dat politici nepvolgers hebben op Twitter?

Zoals je ziet kun je een hypothese herformuleren naar een onderzoeksvraag, en vervolgens aanvullen met voorkennis en de manier waarop je aan het resultaat denkt te komen. Er is overigens niet één perfecte onderzoeksvraag. Vaak kun je meerdere onderzoeksvragen bedenken bij een hypothese. Laten we de laatste hypothese eens als voorbeeld nemen.

Hypothese: Politici hebben nepvolgers op sociale media.
Onderzoeksvraag 1: Hoe kan ik door middel van opensourcesoftware bewijzen dat politici nepvolgers hebben op Twitter?
Onderzoeksvraag 2: Op welk forum worden socialemediaprofielen van politici geanalyseerd?
Onderzoeksvraag 3: Waar kan ik achterhalen of er regels zijn opgesteld of je als politicus nepvolgers op sociale media mag hebben?
Onderzoeksvraag 4: Op welke plekken op het dark web kun je als politicus nepvolgers voor sociale media kopen?

Hoe bedenk je een goede hypothese?

Allemaal interessante vragen, maar ook allemaal vragen die tot een ander antwoord leiden. Probeer je hypothese dus zo scherp mogelijk te formuleren. En wat ook helpt is een vraag te bedenken die niet met ja of nee te beantwoorden is. Een scherpe onderzoeksvraag is: Wat doet je kat in huis zodra je op je werk zit? Een minder goede onderzoeksvraag is: Doet je kat iets in huis zodra je op je werk zit? (spoiler voor beide onderzoeksvragen: slapen, glazen omstoten, eten, op je nieuwe kleding braken).

En probeer (zeker als je met een ambitieus onderzoek bezig bent) je onderzoeksvraag zo dicht mogelijk bij je hypothese te houden. De andere vragen kun je altijd nog als deelvragen gebruiken of als bijvangst zien.

Ga bij een hypothese ook altijd van het slechtste scenario uit. Neem vooralsnog aan dat politici nepvolgers hebben gekocht, dat het niet mag en dat het op grote schaal gebeurt. Als je de hypothese zo scherp formuleert, dan heb je enorm veel bewijs nodig om je onderzoek af te ronden. Maar mocht je het antwoord niet volledig kunnen achterhalen, dan heb je in ieder geval een grote kans op bijvangst voor jezelf gecreëerd. Misschien vindt die handel in nepvolgers helemaal niet op grote schaal plaats, maar vind je wel een interessant verhaal over één persoon die zich met deze praktijken inlaat.

Een goede hypothese – en daarmee hopelijk ook een goede onderzoeksvraag – helpt je tijdens je uitgebreide onderzoek op lastige momenten. Zodra je meerdere uren achter elkaar bezig bent om het antwoord op jouw vraag te vinden, kun je nog wel eens de draad kwijtraken.

Je begint met de vraag over het aantal politici met nepvolgers. Na anderhalf uur bekijk je YouTube-video’s over nepprofielen voor duivenmelkers. En na vier uur ben je op reddit katten-GIF’jes aan het kijken alsof je leven ervan afhangt. Ook leuk, maar je weet nog steeds het antwoord op je oorspronkelijke vraag niet.

In het resterende deel van dit onderdeel van het hoofdstuk krijg je tips om je onderzoeksvraag beter te formuleren. (H.F.) 

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.