Hoe maak je foto's die raken?

Hoe maak je foto’s die raken?

Een zelfhulpboek voor fotografen, dat is ‘Van maken tot raken’. Het helpt mensen om hun eigen fotoverhaal met aansprekende inhoud te bedenken en vervolgens te vertellen met een eigen handtekening. Auteur Diana Bokje neemt fotografen middels een stappenplan mee in het proces van idee naar afgerond fotoproject. Wij spraken met haar. Hoe maak je foto’s die raken?

Waarom heb je dit boek geschreven?
Diana Bokje: ‘In de meeste educatieve boeken over fotografie gaat het over techniek en vorm en maar heel zelden over de fotograaf zelf. Als je eerst weet wie jij bent als fotograaf kun je volgens mij pas een goed verhaal maken. Dat stukje miste ik steeds en dat zit in het boek.’

In het boek staat een stappenplan dat fotografen meeneemt om van een droom tot een afgerond fotoproject te komen. Hoe werkt dat?
DB: ‘Het stappenplan begint, evenals elk project, met een droom: je mag zo groot mogelijk dromen. Als je een droom te klein houdt, kom je op de weg daarheen vaak obstakels tegen die zo groot worden dat ze het zicht belemmeren. Je verliest daardoor het doel uit het oog en ziet beren op de weg. Om dat te voorkomen is het handig om te beginnen met een grote droom, dan kun je manieren vinden om die obstakels te omzeilen. Een grote droom kan soms weer te groot en onbereikbaar lijken. Daarom is de volgende stap om de droom op te delen in bereikbare doelen: je stelt vast wat het eerste kleine doel is dat je nodig hebt op de weg naar het grotere doel.’
‘Het doel kan een serie, expositie, boek, of wedstrijddeelname zijn. We onderzoeken wat je nodig hebt om de afzonderlijke stappen en hordes naar het doel te nemen: we bekijken welke hulpbronnen je kunt gebruiken, we onderzoeken wie je bent als fotograaf, naar wat je thema’s en waarden zijn, wat je belangrijk vindt en we herkennen uit je archief wat je eigen stijl inhoudt. Dan komt het idee, hoe kom je daaraan, hoe geef je het vorm, hoe verrijk je het hoe werk je het uit? Dan gaan we aan de slag. Wat wordt het project?’

Foto uit een project over hoe mensen met de natuur omgaan. De foto raakt door het contrast tussen de blakende welstand van de bomen en het ingepakte gebouw.

Series maken

Je benadrukt het belang van seriematig werken. Hoe kan dat fotografen helpen?
DB: ‘Veel fotografen zijn jaren bezig met het maken van mooie, enkele plaatjes. Een mooi portret, een adembenemend landschap met sfeervol licht of een stadgezicht. Op een gegeven moment hebben ze de techniek in de vingers en kunnen iets moois maken van elk onderwerp. Als dat lukt is de uitdaging voorbij en dan valt bovendien vaak op dat anderen al soortgelijk beeld hebben gemaakt. Het gevolg is dat mensen dan vast komen te zitten; ze vallen in een gat. Een natuurfotograaf die mooie landschappen of macro’s kan maken, heeft daar bijvoorbeeld na verloop van tijd genoeg van: dan heeft hij het gezien. Om je daarvan los te maken, is de gemakkelijkste weg om in serie te gaan werken, dus een project bedenken en samenhang tussen je verschillende beelden aan te brengen.’

‘Een beeld op zich kan prachtig zijn, maar dan? Wat wil je ermee?’

‘Een serie bied je een nieuwe uitdaging om meer te vertellen dan een enkel plaatje. Elke afzonderlijke foto is maar een momentopname. In een serie kun je verschillende aspecten van een verhaal vertellen, je kunt je mening geven en proberen om je overtuiging op anderen over te brengen. Als je een aantal beelden naast elkaar plaatst, ontstaat er een context: de afzonderlijke beelden gaan elkaar betekenis geven. Zo kun je je eigen gedachtegoed uitdragen. Fotograaf Frido Troost zei eens: “Een enkele foto in een museum is autistisch en alleen op zichzelf betrokken.” Een beeld op zich kan prachtig zijn, maar dan? Wat wil je ermee? In serie werken is de kortste weg naar meer inhoud.’

Eigen indentiteit

Hoe help je mensen met het ontwikkelen van hun eigen stijl?
DB: ‘In het boek neem ik mensen onder andere mee in een onderzoek naar hun eigen stijl. Die is bij iedereen al aanwezig, al zijn mensen zich daar vaak niet van bewust. We beginnen door met andere ogen naar het eigen archief te kijken, waarbij steevast opvalt dat er bij iedereen terugkerende elementen zijn: bijzondere belangstelling voor bepaalde onderwerpen, vormelementen en de manier waarop je het liefste iets in beeld brengt etc. Dat is altijd zo, ook al behoren de afzonderlijke foto’s tot verschillende genres. We bekijken wat jouw thema’s zijn, waar jouw eigen stijl aan te herkennen is. Op het moment dat je dat weet, heb je heb je veel meer handvatten om je eigen stem als fotograaf te laten horen.’

‘Als je vanuit je identiteit gaat onderzoeken hoe je fotografie in elkaar zit, kun je veel meer van jezelf laten zien’

‘Als je die overeenkomstige elementen in je foto’s leert herkennen, kun je ze bewuster gaan inzetten of juist bekijken of de elementen die je nooit gebruikt je verder kunnen helpen als je ze bewust inzet. Jouw fotografie zou je kunnen beschouwen als een onderbewust venster op je eigen psychologie. Hoe je als mens in elkaar zit kun je uitdrukken als een piramide met verschillende niveaus. Onderaan zit je gedrag: hetgene wat je doet. Daarboven zitten vaardigheden: dat is wat je kunt. Helemaal bovenin de piramide zit jouw identiteit: wie je bent. Als je vanuit je identiteit gaat onderzoeken hoe je fotografie in elkaar zit, kun je veel meer van jezelf laten zien. Dan evolueert je fotografie van iets wat je doet naar iets wat je bent. Je gaat daardoor met veel meer diepgang fotograferen waardoor je plezier en zelfvertrouwen toenemen.’

Het gebouw is afgedankt maar de natuur bloeit. Door dit contrast raakt deze foto de beschouwer.

Hoe gaat dat verhogen van het zelfvertrouwen in zijn werk?
DB: ‘In mijn praktijk als fotocoach valt mij vaak op dat mensen kampen met een gebrek aan zelfvertrouwen als fotograaf. Ze horen stemmetjes in hun hoofd die dingen zeggen als: “Je bent niet goed genoeg, anderen zijn veel beter”, etc. Ze hebben blokkades en beperkende overtuigingen die hun creativiteit afremmen. Het is heel goed mogelijk om die blokkades weg te nemen. Ik geef handvatten waarmee je dat innerlijke stemmetje een plaats kunt geven en het van vijand tot vriend kunt maken.’

‘Zelf had ik een innerlijk stemmetje dat zei dat ik niet goed genoeg was’

‘Het stemmetje wil graag de status quo handhaven: het wil alles houden zoals het is. Het is een overblijfsel het oudste gedeelte van onze hersenen: het reptielenbrein. Het was in de prehistorie noodzakelijk om onze veiligheid te waarborgen en onze eerste levensbehoeften te vervullen zoals voeding en onderdak. In ons tijdperk zijn die behoeften vaak al goed verzorgd en kunnen we het stemmetje inzetten voor andere zaken. Het heeft altijd goede bedoelingen en je kunt het leren gebruiken. Als het zegt dat je niet goed genoeg bent, kun je vragen waarom dat stemmetje dat vindt. Dan krijg je bijvoorbeeld als antwoord dat je wel aardige dingen maakt, maar dat je niet goed je best doet om je doel te bereiken. Of dat je alleen maar iets wilt en het niet uitvoert. Zelf had ik een innerlijk stemmetje dat zei dat ik niet goed genoeg was. Aan de andere kant liet een soort Pipi Langkous zich horen die zei: ‘Ik heb het nog nooit gedaan dus ik denk dat ik het wel kan.’ Als ik naar haar luisterde, sprong ik vaak gewoon in het diepe. Als ik vervolgens moest worstelen om boven te komen, zei het stemmetje: “Zie je wel, je kunt het niet”.’

Goed beslagen ten ijs

‘Ik heb onderzocht wat dat stemmetje van me wil. In mijn geval wil het dat ik genoeg kennis heb voordat ik iets mag uitvoeren. Op het moment dat ik genoeg achtergrondinformatie heb verzameld en vooronderzoek heb gedaan, weet ik waar ik het over heb en dan komt het goed. Tegenwoordig maak ik afspraken met mijn stemmetje. Als ik zorg dat ik goed beslagen ten ijs kom, houdt het zich stil. Op deze manier help ik mensen om hun innerlijke criticus om te vormen tot vriend want hij heeft altijd geen goede intentie: de bedoeling om jou te helpen.’
‘Het nastreven van een doel of project kun je beschouwen met de volgende analogie. In een auto zit jij aan het stuur rijdt. Naast je zit het idee of project, dat heeft de kaart met de route en de bestemming in handen. Op de achterbank zit het stemmetje. Dat houdt nooit zijn mond. Het heeft goede bedoelingen en geeft adviezen, maar mag van jou niet aan het stuur komen. Als bestuurder bepaal jij wat er gebeurt: je kiest uit de aangereikte mogelijkheden en blijft de baas over de manier waarop het doel wordt bereikt.’

In een fotoserie over hoe mensen met de natuur omgaan, benadrukte Diana Bokje de namaaknatuur uit de dierentuin.

Waarom is het belangrijk om te kijken naar wat voor soort persoon iemand is?
DB: ‘Je persoonlijkheid bepaalt hoe je fotografeert en daar kun je bewust mee omgaan voor meer succes. Je hebt verschillende typen fotografen. Jagers als Cartier-Bresson bijvoorbeeld, die straten afstruinen op zoek naar dat ene ideale plaatje op het juiste moment genomen. Aan de andere kant heb je mensen die poëtischer zijn ingesteld. Zij jagen niet, maar fotograferen rustig, open en laten de wereld op zich afkomen, waarna ze toeslaan als ze een mooi moment herkennen. Als je onderzoekt hoe je zelf in elkaar zit en wat het beste bij je past, zal je werk meer vanuit die basis komen, vanuit jouzelf. Dan word je niet afgeleid door hoe anderen voorschrijven dat je moet fotograferen, dat is een gevaar dat je kan afleiden. Als je doet wat bij je past gaat alles veel gemakkelijker, merk ik.’

Aansprekende foto’s maken voor een doelgroep is het uiteindelijke doel. Hoe zorg je ervoor dat je werk mensen raakt?
DB: ‘Fotografie is een vorm van communicatie met een doelgroep. Het is belangrijk om goed in de gaten houden wie dat is. Voor wie maak je het project, wie wil je bereiken? Als je voor museumbezoekers fotografeert, gelden er andere regels dan bijvoorbeeld voor wandversiering in een ouderenhuis. Als je daar een conceptueel project ophangt, zal het de mensen niet raken, dan lopen ze erlangs zonder het te begrijpen. Je verdiepen in de mensen aan wie je jouw boodschap wilt doorgeven is belangrijk. Als het alleen maar over jou gaat, bereik je niks.

‘Het beste kun je een doelgroep zoeken die jouw interesses deelt’

Als ik met jou praat en jij wilt het over voetbal hebben, maar ik over koken, dan kan ik heel veel gaan vertellen over koken, recepten en bakvormen, maar dat interesseert jou niets. Ik bereik je beter als ik mijn communicatie aanpas aan jouw interesse. Ik kan bijvoorbeeld zeggen dat de taart in de oven schuiven voelt als een aanval voorbereiden en op het moment dat het bakproces klaar is en de ovendeur opengaat voelt dat als scoren. Als ik het zo formuleer, is de kans groter dat ik jou bereik. Ik denk dat je alle mensen kunt raken als je ervoor openstaat wat zijn interessegebied is. Het beste kun je een doelgroep zoeken die jouw interesses deelt. Persoonlijk ben ik bijvoorbeeld geïnteresseerd in hoe wij met de natuur omgaan en ons daartoe verhouden. Als ik mijn zorgen daarover rechtstreeks uitspreek, worden mensen daar een beetje moe van of ze zeggen: de politiek of grote bedrijven moeten dit regelen.’

Mensen bereiken

‘Om mensen te bereiken werkt het beter als ik humor of een metafoor toevoeg. Voor een project heb ik gefotografeerd in dierentuinen en het viel me op dat het eigenlijk allemaal nep is. We kijken naar namaaknatuur. Dat ben ik gaan uitdrukken door het behang in de hokken te fotograferen met de nadruk op loslatende vouwen en naden. Je ziet dat de savanne een foto is, een decor en dat drukt je met de neus op de feiten: in je hoofd doe je net alsof je naar wilde dieren kijkt in hun natuurlijke habitat, maar blijkbaar laten we ons meeslepen door surrogaatnatuur, zoals je bijvoorbeeld ook geniet van bloemetjesbehang. Zo probeer ik mensen aan het denken te zetten. Ik hoop dan dat ze bij het zien van mijn foto’s denken: gaan denken: eigenlijk wel raar dat wij namaak als echte natuur ervaren. Het zegt iets over hoe wij verlangen naar de natuur en onze verbinding daarmee verliezen.’

In het boek leer je mensen de werkelijkheid anders waar te nemen. Waarom is dat belangrijk?
DB: ‘Alles in de fotografie begint met waarnemen, begrijpen en interpreteren wat je ziet. Ik leer mensen anders waarnemen door ze mee te nemen in mindful fotograferen. Een manier van fotograferen waarin je al je gedachtenfilters uitschakelt, gaat mediteren, de omgeving in je opneemt en dan pas gaat rondlopen, zonder te oordelen. Dan treed je de wereld met open vizier tegemoet. Zelfs als je niets hebt met meditatie of het zweverig vindt kan deze manier van waarnemen je verder helpen om anders te kijken. Je stelt jezelf open voor de dingen om je heen en herkent ze voor wat ze zijn.

‘Als je de kern te pakken hebt van wat jou raakt, zit je vaak op een universeel niveau en dan kun je ook anderen raken’

Soms wordt je aandacht door iets getrokken of je raakt geprikkeld door iets wat je ziet. Dat is het moment waarop je moet vragen: waarom reageer ik zo, wat heb ik gezien en je probeert tot de kern daarvan te komen. Daar maak je dan een foto van en vervolgens ga je op je schermpje kijken om te zien of je alles hebt gefotografeerd wat je nodig had om die kern te vangen en niets wat je niet nodig hebt. Als je die kern leert herkennen, veel dichter bij je project onderwerp waar je in je hoofd al mee bezig bent. Je leert de kern steeds beter zien., als je vaker zo kijkt. Als je de kern te pakken hebt van wat jou raakt, zit je vaak op een universeel niveau en dan kun je ook anderen raken. Op het moment dat ze jouw foto zien, ervaren ze het helemaal.’
‘Een oefening om anders te leren kijken is bijvoorbeeld het uitgangspunt om je bij het fotograferen alleen maar op kleur te richten. Dan denk je dat je simpele beelden krijgt, maar als we de volgende dag de foto’s bespreken, raken mensen vaak ontroerd door de eenvoudige schoonheid die anderen ontdekt hebben in alledaagse objecten. Als je probeert de essentie van rood te pakken en je weet dat vast te leggen dan maak je foto’s die anderen ontroeren. Het verbaast me elke keer weer dat mensen door zoiets simpels geraakt zijn.’

In een dierentuin is de biotoop van het dier nagebootst. Pas als je er de nadruk op legt, begint het te knagen dat je als bezoeker eigenlijk geniet van namaaknatuur. Zo zet deze foto je aan het denken.

Waarom ben je ervan overtuigd dat de methode uit het boek werkt?
DB: ‘Ik krijg veel reacties van deelnemers aan mijn cursussen, die uitdrukken dat hun fotografie in positieve zin is veranderd en dat ze veel meer plezier in het fotograferen hebben gekregen. Mooi vind ik ook de reacties van wat ik voor het gemak maar even ‘nuchtere mannen’ noem. Die zijn lange tijd voornamelijk op techniek gericht geweest. Als ze bij mij komen zijn ze aanvankelijk sceptisch en vragen zich af waarom ze aan zelfonderzoek zouden moeten doen. Algauw merken ze dat ze losser worden en zich kunnen openstellen voor nieuwe mogelijkheden.’
‘Ik geef fotografen praktische handvatten voor een andere strategie om hun doel te bereiken: je leert om een heel nieuw pad aan te leggen naar je doel. Vervolgens ga je dat pad ook bewandelen en op die manier kijken, denken en fotograferen. Je merkt in een dag al meer resultaat. Het mooiste vind ik de berichten van mensen die zeggen: ‘Je hebt mijn ogen geopend voor wie ik ben en wat ik kan.’ Daar doe ik het voor.’

In ‘Van maken tot raken’ neemt fotocoach Diana Bokje je mee van droom naar afgerond fotoproject. Je leert je eigen stijl herkennen en mensen te raken met foto’s die jou na aan het hart gaan. Met haar boek ‘Van maken tot raken’ leer je met meer zelfvertrouwen te fotograferen en daardoor beleven zowel jij als anderen meer plezier aan jouw fotografie. Het is tot 27 september 2021 te bestellen met vijf euro korting.


Goed om te zien dat het artikel je tot het einde toe heeft kunnen interesseren. De meeste artikelen op dit blog worden geschreven door de auteurs van uitgeverij Van Duuren MediaBen je geïnteresseerd in verdere verdieping of meer praktische toepassingen? Klik op onderstaande banner voor het meest actuele overzicht.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.