Tagarchief: hyperfocale afstand

Fotografie: Moet alles scherp? Gebruik de hyperfocale afstand!

Bij het maken van landschapsfoto’s is het vaak de bedoeling om de foto van voor tot aan de einder scherp te hebben. Alles moet scherp zijn, geen vage, onscherpe struiken vooraan, geen onscherpe bomen aan de horizon, nee: alles scherp. Kortom: je moet hierbij een betere en complete controle over de scherptediepte hebben.

Om die betere controle over de scherptediepte te hebben dien je je bewust te zijn van het begrip ‘hyperfocale afstand’. Kort door de bocht gezegd is die hyperfocale afstand het punt waarop je scherp moet stellen, om bij een bepaald gekozen diafragma voor en achter dat scherpstelpunt de grootst mogelijke scherpte te krijgen, veelal helemaal tot aan de horizon.
Maar waar bevindt dat hyperfocale punt zich dan wel precies? Laten we even uitgaan van de manier waarop bij een landschap meestal wordt scherpgesteld: op oneindig. Het hyperfocale punt ligt echter niet op oneindig, dat ligt ervoor. De eigenschap van het hyperfocale punt is dat de scherpte zowel voor als achter dat punt ligt, 1/3 van de scherptediepte bevindt zich voor het hyperfocale punt, 2/3 bevindt zich achter het hyperfocale punt of – afhankelijk van het gekozen diafragma – strekt zich uit tot oneindig. Als de scherptediepte voor het gekozen hyperfocale punt zich net tot aan oneindig uitstrekt, heb je de grootst mogelijke scherptediepte.

Op oudere lenzen kun je zien hoe de scherptediepte bij een bepaalde brandpuntsafstand is verdeeld.  Hier bij f11 van iets minder dan 2 meter tot aan oneindig.
Op oudere lenzen kun je zien hoe de scherptediepte bij een bepaalde brandpuntsafstand is verdeeld. Hier bij f11 van iets minder dan 2 meter tot aan oneindig.

Met oudere lenzen kon je handmatig de juiste instelling kiezen omdat er op de lens zelf werd aangegeven hoe groot de scherptediepte bij een bepaalde diafragma-instelling was. Je kon handmatig de scherpstelring verdraaien en dan het teken voor oneindig naar het gekozen diafragma draaien, aan de linkerkant van de scherptediepteschaal, en dan zag je vanzelf waar de scherptediepte begon. Bij moderne (zoom)lenzen staat die schaalverdeling er veelal niet meer op. Dus zul je zelf moeten bepalen waar dat prachtige hyperfocale punt zich bevindt.
Lees verder Fotografie: Moet alles scherp? Gebruik de hyperfocale afstand!

Fotografie: zoek een onderwerp

Je wil een betere fotograaf worden, anders zou je dit boek niet lezen. Tips kunnen je daar bij helpen. Dan zal het bij die tips vaak over techniek gaan, maar eigenlijk zijn de beste tips, de tips die je creativiteit doen groeien, die er voor zorgen dat je beter gaat kijken, beter gaat zien. Techniek valt wel te leren. Je leest een keer over het hyperfocale punt, je oefent er wat mee en je kunt er daarna bijna onbewust mee werken. Als je eenmaal de fotografische technieken beheerst, is je camera gewoon een stuk gereedschap waarmee je een goede foto in elkaar kunt timmeren. Maar dan begint het eigenlijk pas.

Je kunt dan een technisch goede foto maken, een foto die scherp is van voor tot achter, die goed belicht is, enzovoort. Maar is die foto een mooie foto, een spannende foto? Zo’n foto waarbij iemand even blijft staan en zegt: wow! Dergelijke foto’s ga je maken als je niet meer hoeft na te denken over de techniek, als je ongestoord kunt kijken. Als je creatief kunt worden. Daar zou ik graag nog wat tips over geven. Het probleem is echter: wat zijn tips die je creativiteit stimuleren? Dat zijn misschien wat vage tips. Veel fotograferen, kijken naar wat anderen – fotografen die je goed vindt – maken en dat dan weer nadoen. Er zijn wel praktische dingen die je kunt doen om creatiever te worden. Je kunt je bijvoorbeeld vastbijten in een onderwerp.
Lees verder Fotografie: zoek een onderwerp