Een 'losse' videochip ofwel GPU (bron afbeelding: https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Quadro_NV10GL_GPU.jpg)

Ingebakken videochip of losse kaart?

Een groot deel van de huidige generatie processoren beschikt over een ingebouwde videochip. Is die snel genoeg voor jou?

Tot nog niet zo heel lang geleden was een in een processor (CPU) gebouwde videochip (GPU) een ‘thuiskomertje’. Het wérkte, maar daar hield het dan ook wel mee op. Inmiddels zijn er behoorlijke verbeteringen – en dat is nog voorzichtig uitgedrukt – geboekt op het vlak van de geïntegreerde GPU. En dat betekent dat je je af kan vragen of een losse videokaart nog zo heel zinvol is. Zoals altijd ligt het antwoord op die vraag besloten in hoe je de pc of laptop gaat gebruiken.

Prima bruikbaar

De in bijvoorbeeld een Intel i5 of i7 ingebouwde GPU presteert voor dagelijks gebruik prima. Sterker nog: qua bijvoorbeeld ondersteunende functies (hardwareversnelling) voor het converteren van videoformaten zijn ze zelfs razendsnel te noemen. Ook het spelen van de meer moderne games is goed te doen, al zal je voor een fatsoenlijk aantal beelden per seconde soms wat moeten rommelen in de kwaliteitsinstellingen of voor een net iets lagere resolutie kiezen. De voordelen van de ingebouwde GPU zijn onder meer een relatief laag energieverbruik én de ‘gestandaardiseerde’ drivers. Daarmee bedoelen we dat voor de meeste besturingssystemen altijd wel een driver voor een videochip in een CPU is te vinden.

Gedeeld geheugen

Nadelen heeft het onderdeel ook. Ten eerste maakt het gebruik van gedeeld geheugen. Ofwel: de GPU snoept een stukje van je RAM af. Nu is dat met systemen die inmiddels standaard worden afgeleverd met 8 GB of meer werkgeheugen geen groot probleem meer. Ook de snelheid van het geheugen is ruim voldoende voor dagelijks gebruik. De ingebakken GPU ondersteunt alle moderne vereisten, inclusief bijvoorbeeld hardwareversnelling van browsers, fotobewerkingsprogramma’s en zo meer. Maar elke byte die je kwijt raakt bij met name wat minder ruim bemeten systemen is er natuurlijk eentje.

Losse videokaart

Op een losse videokaart tref je als vanzelfsprekend ook een aparte GPU aan. Feitelijk zou je die videokaart als een soort van autonoom werkende computer – geoptimaliseerd voor grafische zaken – kunnen beschouwen. Naast de GPU tref je er dan ook eigen (video)RAM op aan. Veelal betreft het hier speciaal voor deze toepassing geoptimaliseerd werkgeheugen. Bovendien is het RAM op de videokaart volledig gescheiden van het werkgeheugen in je pc of laptop. Dat kan een groot voordeel zijn als je regelmatig grafisch intensieve software draait. Ook voor zwaar gamen is een volledig geoptimaliseerde videokaart duidelijk een voordeel.

Energie

Minpunt is dat losse videokaarten veelal flink meer energie verbruiken in vergelijking met een in de CPU gebouwde videochip. Vandaar dat je in laptops vaak een hybride oplossing aantreft. Voor het dagelijks gebruik – denk aan tekstverwerken, browsen, lichtere 3D-toepassingen enzovoort wordt de ingebouwde GPU gebruikt. Lekker energiezuinig en ruim voldoende snel voor dit soort zaken. Zodra er echter meer power nodig is – denk aan een game – wordt overgeschakeld naar de GPU op de videokaart. In laptops fungeert dat onderdeel dus eigenlijk als een soort grafische coprocessor.

Kiezen

Wat je uiteindelijk nodig hebt is erg afhankelijk van wat je met de pc of laptop gaat doen. Voor het overgrote deel van de niet-gaming toepassingen volstaat tegenwoordig een modernde geïntegreerde GPU prima. Wil je stevig gaan gamen of echt het onderste uit de kan halen wat GPU-versnelde software voor bijvoorbeeld foto- en videobewerking betreft dan kan een losse videokaart voor extra snelheid zorgen. Het is ook een kwestie van prijs. Laptops (en ook pc’s) zonder extra videokaart zijn net wat goedkoper dan de exemplaren met. Maar de tijd van ‘behelpen’ met een geïntegreerde GPU is echt voorbij, dus daar hoef je geen angst voor te hebben!

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.