Je hebt alles goed gedaan – je bent op een geweldige locatie en het licht is adembenemend. Je hebt geluk, want Moeder Natuur heeft je flink verwend met de mooiste lucht die je in tijden hebt gezien. Je apparatuur staat klaar en je bent helemaal gereed om het maximale eruit te halen. Ik ben in zulke situaties geweest met groepen andere fotografen, waar we allemaal dachten: ‘Kun je deze lucht geloven? Kun je deze locatie geloven? Kun je geloven hoeveel geluk we hebben?’ Maar later, toen ik sommige van hun beelden bekeek, leek het alsof we niet eens op dezelfde plek waren geweest. Het deed me bijna vragen: ‘Is dat wat ik daar zag?’ Dat komt doordat ongelooflijke beelden niet alleen voortkomen uit ongelooflijke plekken of onderwerpen. Het is wat je daarna doet dat de foto maakt of breekt, en dat is simpelweg hoe je de opname inkadert. Hoe je het componeert. Wat je besluit erin te laten, wat je besluit eruit te laten, welke lens je kiest en, heel eenvoudig, waar je je camera op richt. Hoe maak je van een simpel kiekje een meesterwerk? Wat is de sleutel tot een sterke fotografische compositie? Ik leg het je allemaal uit in mijn nieuwe boek Compositie die knalt.

Voor het geval je je afvroeg wat hier gefotografeerd is: het is een vintage WWII P-51 Mustang gevechtsvliegtuig, van recht achter de staart gefotografeerd.
De afgelopen jaren heb ik lezingen gegeven met de naam ‘Compositie die knalt’ en de feedback was fenomenaal, met als meest voorkomende opmerking: Waarom heeft niemand me dit eerder verteld? Ik wil hier niet zeggen dat die ‘regels’ van compositie niet geldig zijn; het is gewoon zo dat er veel meer is aan compositie dan alleen die regels. Daar gaat dit boek over en ik kan niet wachten om die technieken en ideeën met je te delen. Op dit blog geef ik je een aantal voorbeelden uit het boek, zodat je een idee krijgt wat ik je in dit boek over het maken van adembenemende foto’s wil leren. Dit is deel 2 van hoofdstuk 2 De scène uitwerken. Het 1ste deel van dit hoofdstuk kun je HIER lezen.
Kies wat in je kader komt
Fotojournalisten hebben een zeer strikte set regels die ze moeten volgen, omdat ze verslag doen van nieuws en hun taak is om de scène te laten zien zoals die is. Gelukkig voor de rest van ons hebben wij totaal geen verplichting om de scène te laten zien zoals die is. Sterker nog, onze taak is om de beste delen van een scène eruit te pikken en die als focus van onze beelden te gebruiken. Bepalen wat je laat zien (en wat je weglaat) is een cruciale compositiebeslissing, maar het is ook een van de leukste onderdelen van fotografie. Wij mogen kiezen wat er in het kader komt, en daarin zit de kunst.
Weglaten
Kijk eens naar de afbeelding hierboven. Deze foto is genomen in een druk restaurant, volgepakt met toeristen, obers en een rondlopende violist, midden in een toeristisch gebied in Boedapest. De scène waar ik voor stond, was erg druk (je kunt hieronder zien hoe het eruitzag), maar we hoeven al die toeristen en obers niet te laten zien, dus dat deed ik niet. Het onderwerp dat me naar deze scène trok, was letterlijk zijn viool, dus ik gebruikte een zoomlens om strak in te zoomen op de viool, zijn hand en strijkstok.
Daarbij liet ik alle onderdelen weg die er slechts een snapshot van zouden maken. Deze compositiebeslissing, het kiezen wat er in je kader komt, is de kern van wat we doen. We hoeven de rommelige scène niet te laten zien. We hebben het geluk dat wij kunnen kiezen wat er in ons kader verschijnt en wat niet. Heb ik trouwens maar twee foto’s genomen? Nee hoor. Ik heb er enorm veel gemaakt, maar hieronder vertel ik waarom ik alleen deze liet zien.
Je hebt er maar één nodig
Wanneer ik een shoot doe, van welke soort dan ook (sport, portretten, landschap, reizen), eindig ik met het maken van een groot aantal foto’s van hetzelfde onderwerp – het is onderdeel van het concept ‘de scène uitwerken’. Stel bijvoorbeeld dat ik een vliegshow fotografeer en het hoogtepunt is een optreden van de geweldige Blue Angels-vluchtshow van de Amerikaanse marine. Ik ga letterlijk honderden foto’s maken tijdens hun demo’s (het kunnen er gemakkelijk 500 of 600 zijn), maar hoeveel ga ik er daadwerkelijk laten zien? Nou, als ik ze op mijn Facebookpagina zet, laat ik misschien vijf of zes van de beste zien, of op Instagram misschien twee of drie, maar waar ben ik eigenlijk naar op zoek tijdens een shoot? Ik ben op zoek naar één echt goede foto. Dat is alles wat je nodig hebt, want na je post op sociale media (die een halfwaardetijd van ongeveer zes tot acht uur heeft en dan diep in de feed van de meeste mensen is verdwenen), wat heb je dan nog over voor je portfolio of om af te drukken en aan de muur te hangen? Je hebt alleen die ene nodig.
Die éne foto…
Denk erover na: als je een geweldige foto van ‘The Blues’ hebt, zou je die misschien inlijsten en in je huis ophangen, toch? Ga je vier foto’s ophangen? Vijf? Nee. Je hebt er maar één nodig. Je gaat veel foto’s maken, vanuit verschillende hoeken en gezichtspunten, omdat je op zoek bent naar die ene waar alles samenkomt – het licht, de focus, de hoek, het moment – en dat is de foto. Zelfs als we honderden foto’s maken, hebben we misschien dertig of veertig ‘bewaarfoto’s’ en een handvol wat we ‘selecties’ noemen (foto’s die we online willen delen), maar als we met die ene geweldige foto naar huis kunnen gaan, was het allemaal de moeite waard.
Pauzeer en beoordeel
Als je de scène aan het uitwerken bent, is het heel makkelijk om in een ritme te komen waarbij je maar blijft schieten en schieten (en hoe meer je fotografeert, hoe groter de kans dat je die ene geweldige foto krijgt). Maar als je de ononderbroken fotosessie even onderbreekt en pauzeert om je foto’s te beoordelen, zal dat veel helpen. Ten eerste helpt het je te zien of je de goede richting op gaat. Als je een paar foto’s maakt en dan stopt om ze op de achterkant van je camera te bekijken, kun je zien of er iets niet werkt, en misschien is het gewoon een kwestie van de hoek veranderen, of misschien moet je naar een andere plek verplaatsen en het daar proberen.
Blijf niet blindelings foto’s maken. Pauzeer. Evalueer wat je krijgt en neem een weloverwogen beslissing om te blijven of te verplaatsen. Ik vind dit vooral nuttig tijdens een portretsessie. Na ongeveer vijf minuten neem ik een korte pauze en begin ik de foto’s te beoordelen, en het loont echt wanneer je iets ziet dat gecorrigeerd kan worden voordat het te laat is. Stel bijvoorbeeld dat je tijdens deze pauze en beoordeling merkt dat wanneer je onderwerp een grote glimlach toont, je veel van hun tandvlees ziet. Ze weten waarschijnlijk al dat ze soms een ’tandvleesglimlach’ hebben en zullen waarschijnlijk geen enkele foto kiezen waarop dat duidelijk te zien is.
Check regelmatig je resultaat
Maar als je gewoon doorgaat met fotograferen, eindig je met een hele serie van zulke foto’s – foto’s die je klant niet zal kiezen (klanten vermijden doorgaans beelden waarop iets te zien is waar ze zich onzeker over voelen). Nu je dat na vijf minuten hebt gezien, kun je aanpassingen maken zonder dit natuurlijk ooit te benoemen tegenover je onderwerp. In plaats daarvan, wanneer je teruggaat om de shoot voort te zetten, kun je zeggen: Oké, laten we een paar foto’s maken zonder te lachen. Daarna kun je zeggen: Oké, geef me een kleine glimlach, en vervolgens: Oké, een iets grotere glimlach. Nu controleer je de grootte van hun glimlach en zorg je ervoor dat ze, voor het grootste deel, niet die grote glimlach tonen die hun tandvlees laat zien. Je hebt nu een enorme hoeveelheid foto’s waar ze veel eerder uit zullen kiezen, in plaats van die foto’s die sowieso nooit de definitieve selectie zouden halen.
Dit is me zo vaak overkomen met verschillende gezichtsuitdrukkingen. Ik heb onderwerpen gehad die dachten dat ze glimlachten, terwijl ze eigenlijk grimasten, en toen ze de foto’s op mijn laptop zagen, zeiden ze: Ik moet stoppen met grijnzen. Let goed op dat soort opmerkingen, zodat je de shoot kunt sturen naar foto’s die ze uiteindelijk wél willen. Onthoud gewoon, zodra de shoot voorbij is, is het te laat. Doe dit na vijf minuten en herhaal het regelmatig, zodat je nog de kans hebt om aanpassingen te maken terwijl het nog kan.
Verwacht slechte foto’s
Wanneer je de scène aan het uitwerken bent, kun je er zeker van zijn dat wanneer je verschillende hoeken en ideeën uitprobeert, een flink aantal daarvan gewoon niet zal werken. Je eindigt met een redelijk aantal wat je ‘slechte foto’s’ zou noemen. Maar het punt is: maak je geen zorgen. Het hoort bij het proces – hetzelfde proces dat veel topfotografen gebruiken. Dus zelfs als je alles goed doet en echt de scène uitwerkt, kun je verwachten dat je onderweg veel slechte foto’s zult zien. Onthoud, we zijn op zoek naar die ene hoek waar alles samenkomt, en om die hoek te vinden, is wat speurwerk nodig en veel trial-and-error. Dat betekent dat er onderweg veel slechte foto’s zullen zijn, en dat is oké. Nogmaals, dit is allemaal onderdeel van het proces, dus laat het je niet ontmoedigen en begin niet te twijfelen aan je vaardigheden. Dit is hoe het gaat. Als je een geweldige omelet wilt maken, zul je een paar eieren moeten breken, dus ga aan de slag.
De lenskeuze is een compositiebeslissing
Grijp niet zomaar een lens uit je cameratas. Dit is het moment om een bewuste keuze te maken, want de lens die je op je camera zet, heeft een enorme impact op je compositie – en misschien zelfs op een manier die je niet had verwacht. Bijvoorbeeld, wanneer je kiest voor een groothoeklens, neem je de scène waar je voor staat en duw je alles daarin van je af, waardoor dingen op de achtergrond nog verder weg lijken. Dat is de reden waarom veel landschapsfotografen vaak geen supergroothoeklenzen (zoals een 16mm of 14mm op een full-framecamera) gebruiken, omdat deze lenzen bergen verder weg duwen, waardoor ze minder indrukwekkend en meer afstandelijk lijken (veel landschapspro’s beschouwen een 24mm-lens als het ideale midden). Maar wat als je wilt dat iets op de achtergrond dichterbij lijkt? Dan kies je voor een telelens, zoals ik deed bij de afbeelding die je hierboven ziet.
Inzoomcompressie
Deze foto is genomen vanaf het populaire uitkijkpunt bij de Eiffeltoren, de Trocadéro. Hoewel de toren zelf meer dan een 800 meter verderop staat, lijkt hij veel dichterbij door de compressie die je krijgt wanneer je inzoomt met een telelens. Het brengt de achtergrond dichterbij en verkleint de afstand tussen deze beelden en de toren. Die ochtend heb ik honderden foto’s gemaakt vanaf deze locatie (ik heb de scène volledig uitgewerkt), waarbij ik verschillende lenzen, hoeken en perspectieven gebruikte om met een foto te komen waar ik echt tevreden mee was.
Deze blogpost Van kiekjes naar meesterwerken: de sleutel tot sterke fotografische composities is afkomstig uit het boek Compositie die knalt. Een ander voorbeeld uit dit boek – Maak topfoto’s met de compositietechnieken van Scott Kelby! – lees je HIER.

Scott Kelby is de bestverkopende auteur ter wereld van boeken over fotografische technieken. Hij is tevens hoofdredacteur en uitgever van het tijdschrift Lightroom Magazine, producer van LightroomKillerTips.com, hoofdredacteur en uitgever van het tijdschrift Photoshop User en presentator van de invloedrijke wekelijkse live-talkshow over fotografie The Grid. Scott is ook algemeen directeur van KelbyOne.com en geeft over de hele wereld workshops over fotografie en Lightroom. Hij is bekroond auteur van meer dan 90 boeken, waaronder Photoshop voor Lightroom-gebruikers, de reeks Scott Kelby over digitale fotografie; Het grote flitserboek en Het Adobe Photoshop Lightroom Classic boek voor digitale fotografen. Al zijn boeken vind je HIER.












