Dré de Man: ‘Voor mijn gevoel is de lens belangrijker dan de camera…’

Dré de Man schreef tientallen boeken over fotografie en Nikon camera’s. Hij studeerde Nederlands, volgde een dagopleiding fotografie bij Hans Götze en combineert al decennialang fotografie en journalistiek. Zijn nieuwste boek is Focus op Fotografie: Objectieven en het is ook het boek van deze maand. We spraken met Dré onder andere over zijn fascinatie voor objectieven, over de zin van het testen van objectieven, over het begrip bokeh en het nut van lensprofielcorrecties in Photoshop en Lightroom.

Je hebt een foto-opleiding gedaan bij Hans Götze…
Dré de Man: ‘Ik ben begonnen met een studie Nederlands. Daarna volgde ik een dagopleiding bij Hans Götze, die overigens ook boeken over fotografie schreef. Ik vond het wel een inspirerende persoon. Hij maakte heel veel zwart-wit werk en ik heb bij hem geleerd hoe je met het zone-systeem van Ansel Adams zwart-wit moet doen. We moesten afdrukken op barietpapier, je moest altijd met een externe belichtingsmeter werken, schaduwen meten en de ontwikkeling aanpassen aan het contrast van het onderwerp. Het is goed dat ik dat geleerd heb. Ik weet niet of je het tegenwoordig nog zou moeten leren, maar ik ben blij dat ik die kennis heb.’

En heb je op een gegeven moment een speciale fascinatie gekregen voor objectieven?
DdM: ‘Die had ik altijd al. Ik vond ze heel fascinerend. Het is toch een soort wonder: al die verschillende glazen die in een objectief zitten en al die verschillende beeldmogelijkheden. Ik had in die tijd een objectief gekocht dat heel goed uit een test bij het blad Focus was gekomen, maar ik vond de foto’s die ik er mee maakte helemaal niet geslaagd. Toen ben ik me gaan afvragen hoe dat dan kon. Ik kon in die tijd ook al zelf tests doen en volgens die test was het objectief goed, maar in de praktijk dus niet.’

Dré de Man.
Dré de Man.

Verklaar dat eens…
DdM: ‘Zo’n test kijkt alleen maar hoeveel zwart-witte lijntjes met een hoog contrast dat objectief kan weergeven. Dat is slechts één aspect. Het zegt niks over hoe zo’n objectief zich gedraagt in de partijen die maar weinig contrast hebben. Dan blijkt bij een slecht objectief dat die er goor uitzien, met te weinig doortekening. Zo’n objectief maakt er een grijze soep van, terwijl een ander objectief daar juist wel mooie contrastverschillen in kan krijgen.

‘De beste test van een objectief is eigenlijk er heel veel foto’s mee maken in allerlei omstandigheden…’

Je meet dus eigenlijk verkeerd bij zo’n test. Ieder objectief kan hoog contrast goed weergeven, zeker in het centrum van het beeld. En eigenlijk test iedereen nog op die manier en voegt er nog nieuwe fouten aan toe. Ik heb zelf een eigen methode ontwikkeld die deze nadelen probeert te omzeilen. Maar de beste test is eigenlijk er heel veel foto’s mee maken in allerlei omstandigheden… Dat doen de beste objectieffabrikanten dan ook voordat ze een objectief op de markt brengen.’

Is het dankzij de computer makkelijker geworden om een goed objectief te ontwerpen?
DdM: ‘Ja, veel gemakkelijker. In de jaren zeventig werd door objectieffabrikanten al CAD/CAM gebruikt. Voigtlander beweert zelfs dat ze al in de jaren vijftig de Zuse hadden gebruikt, een computer uit de Hitlertijd. Halverwege de jaren zeventig kon dankzij de computer voor het eerst een groothoekzoom gemaakt worden: de Nikkor 28-45mm f/4.5. Dat soort constructies kon je vroeger niet berekenen, daar was je veel te lang mee bezig. Het is nog steeds duur om een objectief te ontwerpen, dat kost tegen een miljoen dollar, maar het gaat wel relatief veel sneller. De laatste jaren zijn er ineens veel nieuwe dingen mogelijk. Aan het rekenwerk van de computer danken we objectieven zoals de Nikon 14-24mm, een groothoekobjectief dat voorheen niet voor mogelijk werd gehouden.’

De lens is belangrijker

Ik denk dat mensen die een D3300 of D5500 kopen, relatief goedkope camera’s, waarmee je veel betere foto’s zou kunnen maken als je betere lens erbij koopt…
DdM: ‘Het is een beetje oude discussie: wat is belangrijker, de camera of de lens. Voor mijn gevoel is de lens belangrijker. Als ik in Afrika zou zijn en mijn body zou stuk gaan en ik zou alleen een Nikon D3300 kunnen krijgen en ik zou dezelfde goede objectieven gebruiken, dan kom ik toch met heel mooie foto’s thuis. Maar als ik daar zou zijn en een van mijn belangrijkste objectieven zou stuk gaan, dan ben ik meteen heel ernstig gehandicapt.

Je schrijft in het boek dat het begrip bokeh eigenlijk iets is van de laatste twintig jaar. Vroeger maakte niemand zich er druk over…
DdM: ‘Er werd vroeger wel gesproken over Beeldoverdracht, maar over de achtergrondonscherpte zelf niet. En het woord bokeh kende twintig jaar geleden niemand. Bokeh is ook maar een van de vele aspecten van een objectief. Je hebt van die mensen die heel naar reageren op foto’s. Dan maakt iemand een mooie foto en dan is het bokeh net niet helemaal perfect en dan wordt zo iemand meteen verschrikkelijk afgekraakt. Als het een goede foto is dan is het een goede foto. Het is ook iets wat mannen sterker hebben dan vrouwen. Mannen kijken erg sterk naar de techniek en keuren op grond daarvan een foto af, terwijl ze niet meer bezig zijn met het onderwerp. Het aardige van objectieven is de mogelijkheden die je er mee hebt. Geen enkel objectief is perfect.’

Een compromis van lensfouten…

Een objectief is een compromis van allerlei lensfouten…
Als de maker die lensfouten goed afweegt, krijg je een goed objectief. Als je een mierenneuker bent en je kijkt alleen wat er fout is, is dat een heel verkeerde manier om naar een objectief te kijken. Je moet bij een objectief kijken naar welke mooie foto’s je met dat specifieke objectief kunt maken. Neem de Leitz Noctilux f/0.95! Die is aan de randen echt verschrikkelijk slecht, en dat wordt ook nog niet echt goed bij f/5.5 en f/8. Maar dat is helemaal niet erg, want daar is dat objectief helemaal niet voor gemaakt. Het is gemaakt om bij volle opening en bij heel weinig licht een mooie opname te maken!’

Wat zijn de objectieven die iedere fotograaf eigenlijk zou moeten hebben?
DdM: ‘Iedere fotograaf moet voor zichzelf uitzoeken welke objectieven, welke brandpunten belangrijk voor hem zijn. Hoe kijk je, wat voor soort foto’s maak je graag. Er zijn mensen die het met één objectief afkunnen, Cartier-Bresson deed bijna alles met een 50mm objectief. Het is natuurlijk voor iedereen anders, maar je moet het wel uitzoeken. Men begint vaak met zo’n kitlens, een zoomlens die je bij je camera krijgt, of met een superlichtzwakke superzoom. Meestal is dat geen goede keuze. Je moet uitzoeken: wat wil ik eigenlijk met mijn foto’s?

‘Je moet uitzoeken: wat wil ik eigenlijk met mijn foto’s?’

Vaak kopen mensen in plaats van een kitlens dan zo’n dure standaardzoom, de 24-70mm, en dan heb je eigenlijk nog niks bijzonders, zeker wanneer je hem dan nooit op volle opening gebruikt. 70mm is veel te kort voor een portret, 24mm is eigenlijk nog niet echt een supergroothoek en f/2.8 is redelijk qua lichtsterkte, maar het kan lichtsterker. Als je dan toch iets anders wilt kopen, dan zou dat voor veel mensen beter een telezoom kunnen zijn én een groothoekzoom, dan heb je meteen een grote uitbreiding van je mogelijkheden. Als je de kosten wil beperken, koop dan een portretobjectief bij zo’n standaardzoom.’

Fotograferen met een standaard objectief

Ik zeg vaak tegen mensen dat ze een tijdlang zouden moeten fotograferen met een standaard objectief, dan zou bijvoorbeeld 35 of 50mm kunnen zijn…
DdM: ‘Het mooie van een vast brandpunt is dat het je dwingt op een bepaalde manier te kijken. Op een gegeven moment moet je dan weten dat je een bepaalde foto kunt maken, je hebt hem al van te voren gevisualiseerd. Voor een beginnende fotograaf is dat heel moeilijk. Je kunt je niet voorstellen wat voor foto’s je zou kunnen maken. Daar heb je veel ervaring voor nodig. En je kunt discussiëren over wat de brandpuntsafstand van een standaardobjectief moet zijn. Onze ogen zijn allemaal anders.

‘Bij objectieven is het belangrijk dat je je kunt voorstellen wat voor soort foto je met dat objectief kunt maken.’

De oogbol is voor iedereen anders, ook de brandpuntsafstand van de lens. Een standaardobjectief zit, laten we zeggen, tussen 35 en 60mm voor full frame. Bij objectieven is het belangrijk dat je je kunt voorstellen wat voor soort foto je met dat objectief kunt maken. En een tijdlang fotograferen met een vast brandpunt helpt daar erg bij. Waarmee ik niet wil zeggen dat ik per se vind dat je met vaste brandpunten zou moeten fotograferen. Ik vind het geweldig dat er zoiets bestaat als de 70-200mm f/2.8! Maar het is belangrijk om goed te weten wat het verschil is tussen die 70 en 200mm en alle mooie brandpuntsafstanden die daar nog tussen zitten.’

Je kunt nu met lensprofielen de fouten van een lens makkelijk herstellen in Photoshop of Lightroom. Maakt dat een wat slechter objectief ineens goed?
DdM: ‘Lensfouten corrigeren met lensprofielen is geweldig! Uiteindelijk is dat ook een van de vele criteria in de mix bij het ontwerpen van een objectief. Waar je vroeger zou zeggen over een objectief dat het teveel vertekening heeft kun je nu zeggen: ik zet lenscorrecties aan en hup het is weg. Maar het heeft wel zijn beperkingen.’

Voor wie is het boek geschreven?
DdM: ‘Ik probeer mijn boeken te schrijven voor iedereen. Voor iedereen die zich de vraag stelt: wat kan ik doen met een bepaald objectief en welk objectief zal ik kopen? Het boek is geschikt voor iemand die al heel veel kennis heeft en nog wel wat meer wil weten, maar ook voor degene die aan het begin staat van een ontdekkingsreis over objectieven. Het is ook een boek dat geschikt is voor fotografische opleidingen. Met alle foto’s die ik in het boek verwerkt heb, laat ik zien wat je met bepaalde objectieven kunt doen. Ik wilde twee dingen met het boek: duidelijk maken wat je allemaal kunt doen met de verschillende brandpuntsafstanden en aan de andere kant wilde ik uitleggen wat een objectief eigenlijk is en welke geweldige technische ontwikkelingen daaraan ten grondslag liggen. Dat maakt ook duidelijk dat het niet zo vreemd is dat een goed objectief een beetje geld mag kosten.’

Dré de Man.
Dré de Man.

De website van Dré de Man vind je HIER. Zijn boeken zijn verkrijgbaar bij de uitgever, online en bij de boekwinkel om de hoek.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.