Ontdek Photoshop Elements 15: Handmatig belichting corrigeren

Het boek van de maand is Ontdek Photoshop Elements 15 van auteur André van Woerkom. Op het ComputerCreatief-blog geven we deze maand wat voorproefjes uit het boek en is er een interview met André.
In dit 3de voorproefje leer je handmatig de belichting van een foto te corrigeren. Het 1ste voorproefje uit het boek vind je HIER, het 2de HIER en het 4de HIER. (H.F.)


Foto’s die van zichzelf een hoog contrast hebben vinden niet zo veel baat bij de automatische functies, terwijl er toch iets mis met de belichting kan zijn. Daarom vinden we in het menu Verbeteren, Belichting aanpassen drie handmatige correcties.

Helderheid/contrast

De oudste van alle correctiefuncties is Helderheid/contrast; deze zat al in versie 1 van Photoshop. Met schuifbalk Helderheid is het alsof u een lamp feller laat branden; het totale beeld wordt helderder, maar daardoor lopen lichte gebieden het risico dat het witte vlekken worden zonder detail. Niet al te subtiel dus. Met schuifbalk Contrast maakt u het verschil tussen de lichtste en donkerste delen van de foto groter (of kleiner). Een nadeel kan zijn dat u in een-en-dezelfde handeling lichte gebieden helderder en donkere gebieden donkerder maakt, terwijl u misschien maar een van de twee gebieden wilt aanpassen – ook niet al te subtiel dus.

Deze afbeelding heeft weinig baat bij de automatische correctiefuncties omdat dit hele kleine beetje informatie herverdeling tegenhoudt. In dat geval is het beter om dit stukje informatie op te geven en op handmatige correctie over te gaan.
Handmatig gecorrigeerd met Niveaus. In dit geval was meer nabewerking nodig. Het lichter maken brengt namelijk ruis aan het licht. Dit kan worden tegengegaan met ruisonderdrukking (menu Filter).
Wanneer u de belichting handmatig aanpast met Helderheid/contrast, kunt u via het interactieve histogram precies zien tot hoe ver u kunt gaan.

Schaduw/hooglichten

Dit werkt een stuk subtieler en is een soort tegenpool van de contrastregelaar. Hiermee kunt u schaduwen juist lichter maken en al doende details in de donkere gebieden naar voren halen, en onafhankelijk daarvan lichte gebieden donkerder maken, waardoor meer tekening in bijvoorbeeld een wolkenpartij komt. Dit is een aanmerkelijk genuanceerdere aanpak. Waar u wel voor moet waken is dat het algemene contrast van de afbeelding op niveau blijft, anders dreigt het gevaar van een duffe, saaie uitstraling. Schuifbalk Contrast middentonen kan dit effect enigszins dempen.

Niveaus

Deze functie, ook te activeren met Ctrl+L, is misschien de meest gebruikte handmatige correctie. Hiermee kunnen we drie toongebieden apart behandelen. Door de blokjes onder het histogram te verschuiven past u het toonbereik aan. Schuift u het zwarte blokje naar binnen, dan worden donkere gebieden donkerder. Schuift u het witte blokje naar binnen, dan worden lichte gebieden helderder. Nu heeft niet iedere afbeelding een dergelijke behandeling nodig. Als er al sprake is van dichtgelopen gebieden heeft dat niet zo veel zin, maar bij een histogram waar detailinformatie vooral in het midden zit en de afbeelding geen 100% wit en zwart bevat (denk aan het silhouet van een vrijstaande berg) is dit een ideale aanpassing. In dat geval is het gebruikelijk om het zwarte en witte blokje zo dicht mogelijk tegen de uiteinden van de informatieverdeling te plaatsen. Hierdoor wordt de lichtinformatie herverdeeld over de volledige bandbreedte zonder risico op bijknippen. Voor de afbeelding betekent dit dat deze contrastrijker wordt zonder dat detail verloren gaat. Met het grijze blokje in het midden kunt u de middentonen wat lichter of donkerder maken zonder hoge lichten en schaduwen negatief te beïnvloeden. Voor afbeeldingen met dichtgelopen gebieden kunt u schuifbalk Uitvoerniveaus gebruiken. Dit werkt min of meer omgekeerd aan Invoerniveaus. Door de blokjes naar binnen te slepen beperkt u het aantal toegestane lichtintensiteitswaarden en dus het contrast. In feite gooit u informatie weg, en daarom moet u dit met de nodige terughoudendheid gebruiken. De afbeelding wordt er als het ware een beetje grijzer door, en dat kan voor te contrastrijke afbeeldingen best een verbetering zijn. Maar het blijft een noodoplossing; voor de parapluutjes uit de vorige paragraaf is het immers te laat.

Autoniveaus (boven) levert een ander plaatje op dan Autocontrast (onder). Bij de versie linksboven is alleen het roodkanaal aangepast.

Tot slot, in het vak Kanaal kunt u een apart kleurkanaal kiezen; bij standaard RGB past u alle drie de kanalen tegelijk aan. Als u slechts één of twee kleurkanalen aanpast verandert niet alleen de helderheid, maar ook de kleurbalans. Als de onbenutte ruimte vooral in het heldere gebied ligt (rechts), zal het effect het duidelijkst zijn. Als u alle drie de kleurkanalen handmatig aanpast komt u ongeveer op hetzelfde resultaat uit als de knop Automatisch. De automatische functie benadert de kanalen dus ook apart – en daardoor kan er een verschil in kleurbalans ontstaan (in tegenstelling tot Autocontrast, dat de drie kanalen als eenheid beschouwt). U moet dan ook niet verbaasd zijn als handmatig RGB aanpassen in Niveaus precies hetzelfde resultaat oplevert als Autocontrast. Met die kennis halen we in feite de legitimiteit van de functie Autocontrast onderuit; u kunt immers alles af met het venster Niveaus.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.