Kleur, cameraprofielen en Lightroom

Sinds enige tijd is de plek waar je de keuze voor de cameraprofielen maakt in Lightroom gewijzigd. Stonden ze eerst een beetje verstopt in het onderste paneel, nu staan ze terecht bovenin, als onderdeel van de standaardaanpassingen. Dat is terecht omdat het de eerste keuze is die je moet maken wanneer je je foto’s gaat bewerken. (Dit is 5de aflevering in een serie van Eduard de Kam over kleur en fotografie. De 1ste aflevering, de inleiding vind je HIER, de 2de aflevering over de witbalans vind je HIER, de 3de aflevering over hoe je zélf kleur ziet vind je HIER, de vierde aflevering over hoe je camera omgaat met kleur HIER, de 6de aflevering over kleurcorrectie vind je HIER, de 7de aflevering over o.a. 3D LUT-tabellen vind je HIER, de 8ste aflevering over het zelf afdrukken van foto’s HIER, de 8ste aflevering over het zelf afdrukken van foto’s HIER.)

Het is een basisinstelling die allerlei zaken aan contrast, kleur en verzadiging wijzigt en daardoor is het zinloos om die keuze te wijzigen wanneer je al andere correcties aan je foto hebt gedaan. Naast de verplaatsing van het gereedschap zijn ook de mogelijkheden flink uitgebreid, waardoor je nu eigenlijk drie soorten camera profielen tot je beschikking hebt. De gewone, die min of meer afgeleid zijn van de instellingen voor de beeldstijl en dergelijke in de camera. Dan is er plek voor zelf gemaakte cameraprofielen op basis van de colorchecker die bedoeld zijn om vergaande controle over de kleurweergave te krijgen, als je die tenminste gemaakt hebt. Als derde zijn er de cameraprofielen die je zelf kunt aanmaken op basis van correcties en andere mogelijkheden die uiteindelijk een soort presets zijn, maar dan wel bijzondere waar je de intensiteit van kunt regelen.

Een lijstje cameraprofielen in Lightroom. Per camera kan het lijstje wisselen, maar hier is ook de keuze gemaakt voor enkele favorieten waardoor de keuzelijst overzichtelijk is. Alleen in speciale gevallen ga je dan zoeken in de hele lange lijst met de overige keuzes.

Stijlen

Wat je ook voor smaak- of stijlinstelling kiest bij het fotograferen, het RAW-bestand verandert er niet van en Lightroom leest die informatie ook niet uit het RAW-bestand. De keuze die gemaakt wordt als je niets verandert aan de vaste instellingen van Lightroom is ‘Adobe Kleur’ (in eerdere versies van Lightroom was dit ‘Adobe Standfaard’). Als je daar niet op bedacht bent kun je verrast worden door de verschillen die ontstaan tussen wat Lightroom, of Camera RAW, laat zien en wat je je kunt herinneren van wat je na de opname op je schermpje zag of wat je ziet bij het weer terugkijken op het scherm van je camera. Deze instelling zorgt ervoor dat de foto’s van verschillende camera’s er binnen Lightroom redelijk gelijk uitzien. Dat komt omdat er wel één naam is, maar de onderliggende effecten verschillen per camera. Deze keuze levert dan ook een net wat andere weergave dan ‘camera-standaard’. Bij die instelling heeft Adobe een poging gedaan de instellingen zoals die door de cameramaker zijn gekozen na te doen, wat dan net weer even een andere weergave oplevert. De verschillen tussen diverse camera-profielen kunnen subtiel zijn, maar er zijn ook nogal heftig uitvallende instellingen, zoals Adobe Fel, voor hoge kleurverzadiging. Ook de keuze voor zwartwit wordt nu bij de cameraprofielen in het paneel ‘standaard’ gemaakt.

Vaste keuze

Wanneer je uit het enorme aantal mogelijkheden altijd met dezelfde eigen keuze die afwijkt van de Adobe standaard wilt beginnen kun je daar op verschillende manieren wat aan doen.
Is er maar één vaste instelling die je wilt gebruiken dan is het handig om de standaardinstelling van Adobe aan te passen. Handig is dan om er nog een paar keuzes in mee te nemen, zoals het inschakelen van de lenscorrecties en een mooie instelling voor de ‘helderheid’ of ‘clarity’. Dat is de instelling voor het ‘lokaal contrast’ als je de juiste term wilt gebruiken die zorgt voor een wat frissere weergave als je kiest voor een waarde rond de dertig.
Wil je per keer wat te kiezen hebben, bijvoorbeeld een keuze voor kleur en één voor zwartwit, of nog wat andere mogelijkheden zoals verschillende witbalansen, dan kun je daar een reeksje eigen voorinstellingen van maken die je dan tijdens het importeren kunt aanwijzen. En, het zijn RAW-bestanden, dus je kunt het altijd weer wijzigen. Eigenlijk geldt dat ook voor JPEG-bestanden die je in Camera RAW of Lightroom importeert, want ook dan worden de originele bestanden zelf nooit gewijzigd. Je hebt alleen minder mogelijkheden om JPEG-bestanden aan te passen.

Basis

Samen met een keuze voor de witbalans vormt het gekozen camera-profiel de basis waarop je eventueel de foto’s verder kunt bewerken. Zelf ga ik altijd voor een instelling met een wat lager contrast en lagere kleurverzadiging. Meestal houd ik het daar ook bij, behoudens wat aanpassingen aan de hooglichten en soms de belichting, het verder bewerken zie ik als iets voor zeldzame gevallen. Maar wanneer je het wel leuk, nuttig of zelfs noodzakelijk vindt om je foto’s wel verder of zelfs vergaand aan te passen dan is een zacht uitgangspunt beter dan een foto met teveel contrast en verzadiging. Ook al maakt het bij het verwerken van RAW-bestanden niet zoveel uit, technisch blijft alle informatie beschikbaar, hoe je de instellingen ook kiest. Hooguit is het goed om niet bij elke foto door de hoge kleurverzadiging een ‘wow’ reactie te krijgen. Als de foto ook mooi is als die er nog niet helemaal top uitziet kun je er tenminste van uit gaan dat je er echt iets moois van kunt maken.

De colorchecker, het DNG bestand in de xRite software. De kaart wordt vanzelf gevonden. Een enkele keer lukt dat niet, dan moet je zelf aanwijzen waar de vier hoekpunten zitten. Zo’n opname is de basis voor het cameraprofiel.

Raar licht

Wanneer je fotografeert met licht met een vreemde kleursamenstelling is het mogelijk dat de combinatie van de witbalans en een standaard cameraprofiel niet de optimale kleurweergave oplevert. Dat is het moment waarop je een eigen camera profiel kunt of misschien wel moet gaan gaan maken. De eenvoudigste versie maak je op basis van een opname van de Macbeth Colorchecker met 18 kleuren en zes grijswaarden. De opname moet in het DNG-formaat om gezet worden, waarna de xRite Colorchecker Passport software een cameraprofiel uitrekent. Dat komt vanzelf op de goede plek en na het herstarten van Lightroom kun je het kiezen bij andere opnames die met dezelfde camera zijn gemaakt. En het heeft alleen zin om het te gebruiken bij andere foto’s die met hetzelfde licht zijn opgenomen. Vooral moderne synthetische lichtbronnen, LED en TL/PL spaarlampen willen nog wel eens een incompleet spectrum hebben. Als die afwijking niet al te erg is kom je een heel eind met zo’n eigen cameraprofiel, is het echt heel ‘fout’ licht, dan helpt het wel, maar krijg je nooit een echt mooie kleurweergave. Dat is misschien niet erg bij reportage fotografie, maar als je dingen of mensen fotografeert wil je toch wel een beetje de kleuren terugkrijgen in je foto’s zoals je ze je kunt herinneren.

Dit is de kleurweergave met enkel een eigen witbalans en Adobe Standaard als cameraprofiel.
Dit is de kleurweergave met dezelfde eigen witbalans keuze, maar nu met een voor deze verlichting gemaakt eigen cameraprofiel.

Kleur meten

Een simpele keuze is om steeds wanneer je denkt dat er mogelijk iets mis is met het licht waarbij je fotografeert een opname van de colorchecker te maken om er, wanneer je er niet uitkomt met de kleurweergave, later gebruik van te maken om een eigen cameraprofiel te maken.

Een voorbeeld van een meting met de Sekonic C-700 spectrometer, waarbij je kunt zien dat met name het rood en het donkerblauw slecht worden weergegeven, een typisch probleem bij LED’s van onvoldoende kwaliteit.

Op zich nog eenvoudiger, maar het vergt een investering, is het gebruiken van een spectrometer om voor je begint de kwaliteit van de kleur van de verlichting te meten. De Sekonic C-700 is zo’n meter. Je krijgt direct alle informatie over de kleur van het licht, van een spectrum tot de volledige CRI met de 14 onderliggende kleuren. In die weergave kun je redelijk nauwkeurig zien hoe een reeks standaardkleuren zal worden vastgelegd, waarbij 100 staat voor perfectie, waardes onder de 90 zullen zonder meer zichtbare kleurverschillen opleveren. De CRI waarde zelf moet echt boven de 95 zitten voor een goede kleurweergave hoewel zelfs dan een cameraprofiel kan helpen. Zit die waarde onder de 90, of zijn er onderliggende kleuren die erg laag uitvallen, dan heb je licht waarbij de kleuren zelfs met een cameraprofiel nooit helemaal goed zullen worden.

ICC-profielen

Deze Adobe cameraprofielen zijn geen ICC-profielen, omdat ze gebaseerd zijn en werken met RAW-bestanden. Andere software zoals Capture One of Iridient Developer werken met ICC-profielen voor de camera. Het maken van die profielen verloopt op zich hetzelfde, je moet alleen een TIFF-versie van de opname van de colorchecker maken, een RGB-bestand dus, op basis waarvan dat profiel dan berekend wordt. De programma’s bevatten instellingen die speciaal bedoeld zijn om zo’n ongecorrigeerd RGB-bestand te maken. In het programma wordt het ICC_profiel dan wel toegepast bij het bewerken van het RAW-bestand.

Presets

Een andere oplossing wordt aangeboden door Datacolor, bekend van de Spyder beeldscherm kalibratie. Ook hun software gebruikt de MacBeth colorchecker. Er wordt alleen geen cameraprofiel voor gebruik in Lightroom of Camera RAW berekend, maar er wordt een preset voor de HSL kleuraanpassingen gemaakt. Dat werkt ook wel, maar er zijn minder kleurbereiken die aangepast kunnen worden dan wat er aan kleuren in het cameraprofiel kan worden aangepast.

Voor een zo goed mogelijke opname is het van belang dat je het hele fotografische traject onder controle hebt. Het boek Fotograferen – Van opname tot afdruk van Eduard de Kam geeft je die controle. Naast het fotografische traject is er ook aandacht voor archivering en opslag.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.