De techniek staat niet stil, dat mag geen nieuws heten. Maar een processor 1000 keer sneller maken, dat is dan weer wel nieuws. Er zitten echter wel wat ‘maren’ aan de vinding.
Het tijdschrift New Scientist meldt dat door een nieuwe vinding iets als een processor 1000 keer sneller zou kunnen worden in de toekomst. En niet alleen de CPU, maar ook andere digitale chips. En de ’truc’ waar deze enorme snelheidswinst op gebaseerd is, heeft alles te maken met de switch naar een totaal ander halfgeleidermateriaal. Tot nu toe is de standaard voor chips – digitaal of analoog – silicium. Ook wel bekend als zand, in veel gevallen tenminste. Op de Colombia University in New York zijn ze echter op zoek gegaan naar snellere en meer efficiënte halfgeleidermaterialen. Uit die onderzoeken is het materiaal met de chemische formule Re6Se8Cl2 komen bovendrijven. Dit goedje heeft nog geen lekker klinkende commerciële naam, maar bestaat uit de materialen rhenium, selenium en chloor. De mix vormt een zogeheten ‘superatomisch’ materiaal, waarbij atomen clusters vormen die de eigenschappen van de afzonderlijke materialen min of meer ook behouden.
Ronald Smit kan dankzij een combinatie van een elektronica- en een journalistieke opleiding (afstudeerrichting radio en nieuwe media) technische zaken op een heldere en eenvoudige manier uitleggen. Zijn jarenlange schrijfervaring voor onder meer Computer Idee geeft u al snel de ‘aha-erlebnis’ waar u wellicht al zo lang naar op zoek was. En wordt het dan toch allemaal wat ingewikkeld, dan loodst hij de lezer snel en zeker langs eventuele barrières en valkuilen. De boeken van Ronald vind je hier.
Voor zowel marketing als andere doeleinden is het van belang om te weten welke soorten sociale media er precies zijn. Dat leg ik hieronder én uitgebreid in mijn Handboek Social Media Marketing, 4e editie uit.
We dienen onderscheid te maken in de verschillende soorten van sociale media. We kijken dan met name naar het feit of er wordt betaald voor de verspreiding, en het bereik en hoe deze tot stand is gekomen. Een veel aangehaald model is de onderverdeling van inzet in betaalde (paid media), eigen beheerde (owned media) en verdiende media (earned media). Formeel kennen wij ook de shared media. Het geeft inzicht in het organisch bereik, de organische betrokkenheid – zoals likes en doordelingen van content – en het effect van de vaak commerciële paid media. Feit is dat het effect van earned, owned en ook shared het grootste is omdat hier uit vrije wil wordt geliket, gedeeld of curatie plaatsvindt van de aangeboden content.
In mijn meest recente boek Ontdek de Raspberry Pi kwamen ze al voorzichtig aan bod: alternatieven voor de Raspberry Pi. Inmiddels draait hier een Odroid H3 SBC. Een alternatief voor de Raspberry Pi: de Odroid H3 SBC, een absolute wereld van verschil!
De Raspberry Pi – inmiddels bij alweer de vijfde versie aanbeland – is een capabele kleine, energiezuinige krachtpatser. Hoewel verrassend snel en veelzijdig, kent deze SBC (ofwel Single Board Computer) ook zo z’n beperkingen. Die hangen deels samen met de energiezuinigheid. Wil je slimme projecten met veel mogelijkheden bouwen, of een desktopvervangertje waarmee je dingen kunt als browsen, mailen, programmeren, tekstverwerken enzovoort: dan zit je best goed met de Raspberry Pi! Vandaar ook dat het een immens populair machientje is in het onderwijs. Toch is het (nog) geen volledig alternatief voor een meer reguliere desktop-computer. De Odroid H3 is dat wel.
Ronald Smit kan dankzij een combinatie van een elektronica- en een journalistieke opleiding (afstudeerrichting radio en nieuwe media) technische zaken op een heldere en eenvoudige manier uitleggen. Zijn jarenlange schrijfervaring voor onder meer Computer Idee geeft u al snel de ‘aha-erlebnis’ waar u wellicht al zo lang naar op zoek was. En wordt het dan toch allemaal wat ingewikkeld, dan loodst hij de lezer snel en zeker langs eventuele barrières en valkuilen. De boeken van Ronald vind je hier.
De productie van de RPI is weliswaar weer op gang gekomen, maar de kans dat je het gewenste model niet kunt vinden is aanwezig. Een geheugenuitbreiding voor de Raspberry Pi 4 is een optie. (Meer weten over het gebruik van en het werken met de Raspberry Pi? Lees dan het boek Ontdek de Raspberry Pi.)
Toegegeven: het is niet voor iedereen weggelegd om naar de soldeerbout (of equivalent) te grijpen om kant-en-klare hardware te upgraden. De kans dat er iets fout gaat is immers altijd aanwezig. Maar heb je onlangs een Raspberry Pi 4 weten te scoren met maar 8 GB werkgeheugen aan boord en blijkt dat toch net wat te weinig? Dan kun je overwegen om je geld (nogmaals) te investeren en de een inmiddels wat betere van 8 GB voorziene variant te scoren. Of zelfs een Raspberry Pi 5 die nog helemaal vers van de pers pasgeleden is uitgebracht. Maar zoals je in de aankondiging daarvan leest, zitten daar (nog!) wat haken en ogen wat software-compatibiliteit aan vast. Wil je direct aan de slag met zo ongeveer ‘alles’ wat er voor de RPI 4 aan de slag is, dan komt zeker bij inzet als desktopvervanger 8 GB RAM beslist van pas, zoals ook in mijn boek te lezen is.
Ronald Smit kan dankzij een combinatie van een elektronica- en een journalistieke opleiding (afstudeerrichting radio en nieuwe media) technische zaken op een heldere en eenvoudige manier uitleggen. Zijn jarenlange schrijfervaring voor onder meer Computer Idee geeft u al snel de ‘aha-erlebnis’ waar u wellicht al zo lang naar op zoek was. En wordt het dan toch allemaal wat ingewikkeld, dan loodst hij de lezer snel en zeker langs eventuele barrières en valkuilen. De boeken van Ronald vind je hier.
Ineens was ie er dan toch: de Raspberry Pi 5. Tegen alle verwachtingen in, want de Raspberry Pi 4 is lange tijd extreem slecht (lees: niet) leverbaar geweest. Wat zijn de vernieuwingen van de Raspberry Pi 5? (Meer weten over het gebruik van en het werken met de Raspberry Pi? Lees dan het boek Ontdek de Raspberry Pi.)
De afgelopen weken verscheen eindelijk de Raspberry Pi 4 weer op de markt. Door corona en (deels) gerelateerde wereldwijde chiptekorten was de populaire single board computer (SBC) vele maanden lang niet tot nauwelijks verkrijgbaar. En wat er sporadisch opdook, werd tegen absurd hoge prijzen verkocht. Vreemd genoeg heeft de maker van de Raspberry Pi ervoor gekozen om nu toch ook maar versie 5 van het systeem uit te brengen. En dat maakt kiezen wat moeilijk: ga je voor de beduidend snellere Raspberry Pi 5 of voor de 4? De keuze lijkt voor de hand te liggen: ga voor de 5, want net zo duur met véél meer features aan boord. Maar er zitten wel addertjes onder het gras, voorlopig. Komen we zo op terug!
Ronald Smit kan dankzij een combinatie van een elektronica- en een journalistieke opleiding (afstudeerrichting radio en nieuwe media) technische zaken op een heldere en eenvoudige manier uitleggen. Zijn jarenlange schrijfervaring voor onder meer Computer Idee geeft u al snel de ‘aha-erlebnis’ waar u wellicht al zo lang naar op zoek was. En wordt het dan toch allemaal wat ingewikkeld, dan loodst hij de lezer snel en zeker langs eventuele barrières en valkuilen. De boeken van Ronald vind je hier.
De eerste generaties van de Raspberry behoefden eigenlijk geen koeling, maar het koelen van de Raspberry Pi 4 is wel noodzakelijk. In dit artikel – afkomstig uit mijn boek Ontdek de Raspberry Pi.
De SoC op de vroege Raspberry Pi’s werd niet bijzonder heet tijdens gebruik. De temperatuur van dit centrale onderdeel – met daarin een multi-core CPU, GPU en andere onderdelen – begon echter bij de Raspberry Pi 3 wat zorgwekkend te worden. Koelen van de Raspberry Pi 4 is feitelijk onontkomelijk. Ga je die niet koelen, dan schakelt het geheel steeds weer terug naar een lagere kloksnelheid bij hogere belasting. Niet handig natuurlijk.
Gelukkig is de SoC zelf op het moederbordje van de Raspberry Pi van een metalen bovenkant voorzien. Dat biedt perspectieven, want nu kan immers een koelblokje gemonteerd worden. Zo’n goedkoop vierkant blokje biedt je al wat extra ademruimte. Maar er zijn meer mogelijkheden. Onthoud dat goede koeling de microcomputer betrouwbaar en continu snel maakt en houdt.
Ronald Smit kan dankzij een combinatie van een elektronica- en een journalistieke opleiding (afstudeerrichting radio en nieuwe media) technische zaken op een heldere en eenvoudige manier uitleggen. Zijn jarenlange schrijfervaring voor onder meer Computer Idee geeft u al snel de ‘aha-erlebnis’ waar u wellicht al zo lang naar op zoek was. En wordt het dan toch allemaal wat ingewikkeld, dan loodst hij de lezer snel en zeker langs eventuele barrières en valkuilen. De boeken van Ronald vind je hier.
Kunstmatige intelligentie zal een aanzienlijke invloed hebben op de arbeidsmarkt. Hierdoor zullen veel conventionele beroepen verdwijnen, terwijl andere mogelijk in grote mate zullen evolueren. Het is nu essentieel om vooruit te kijken naar de snelle ontwikkelingen en na te denken over kunstmatige intelligentie en de toekomst van je werk.
AI zorgt nu al voor een revolutie op de werkvloer van steeds meer bedrijven. Met name de GPT-taalmodellen zorgen ervoor dat eigenlijk iedereen over een persoonlijke secretaresse, adviseur, vertaler en wat al niet meer kan beschikken. Zelf heb ik tijdens het schrijven van het boek Ontdek de Raspberry Pi gebruikgemaakt van GPT-4. Het op deze manier werken maakt meteen de toekomst van journalistiek werk en schrijven duidelijk. Bijvoorbeeld Hallo ik ben ChatGPT werd door Bob van Duuren samen met ChatGPT geschreven. Ja, de beroepsgroepen van journalist en tekstschrijver blijven bestaan. Maar ‘de mens’ kan zich concentreren op unieke, creatieve inhoud gebaseerd op waarnemingen, (levens)ervaring, spannende gedachtesprongen en -experimenten enzovoort.
Ronald Smit kan dankzij een combinatie van een elektronica- en een journalistieke opleiding (afstudeerrichting radio en nieuwe media) technische zaken op een heldere en eenvoudige manier uitleggen. Zijn jarenlange schrijfervaring voor onder meer Computer Idee geeft u al snel de ‘aha-erlebnis’ waar u wellicht al zo lang naar op zoek was. En wordt het dan toch allemaal wat ingewikkeld, dan loodst hij de lezer snel en zeker langs eventuele barrières en valkuilen. De boeken van Ronald vind je hier.
Een Raspberry Pi is een uitstekende basis om mee (te leren) programmeren, bijvoorbeeld met Scratch. Maar wat is Scratch? Dat leggen we hier uit. Onderstaande tekst is een fragment uit mijn nieuwe boek Ontdek de Raspberry Pi. Leren programmeren met Scratch…
Scratch is niet zomaar uit het niets verschenen; het heeft z’n wortels in een rijke geschiedenis van educatieve programmeertalen die teruggaan tot de jaren zestig. Hier is een blik op hoe en waarom Scratch is ontworpen.
Het begin: Logo
In de jaren zestig ontwikkelden Seymour Papert en zijn collega’s bij het MIT de programmeertaal Logo (el.media.mit.edu/logo-foundation/ what_is_logo/logo_programming.html). Het idee achter Logo was kinderen te helpen leren over wiskunde en programmeren door het besturen van een “schildpad” – eerst een robot en later een cursor op het scherm – waarmee ze grafische patronen konden tekenen. Logo was revolutionair, omdat het kinderen niet alleen liet zien hoe ze instructies aan een machine konden geven, maar ook hoe ze konden leren door te creëren. De principes van Logo – leren door te maken, spelen en verkennen – hebben veel opvolgende projecten geïnspireerd. Terwijl de technologie vorderde, zagen onderzoekers van het MIT de behoefte om deze principes aan te passen aan een steeds meer digitale en verbonden wereld. Dit leidde tot de ontwikkeling van verschillende projecten en tools gericht op leren en creëren.
Kennismaken met Logo kan bijvoorbeeld op calormen.com/ jslogo, waarin de programmeertaal als webapp draait.
Ronald Smit kan dankzij een combinatie van een elektronica- en een journalistieke opleiding (afstudeerrichting radio en nieuwe media) technische zaken op een heldere en eenvoudige manier uitleggen. Zijn jarenlange schrijfervaring voor onder meer Computer Idee geeft u al snel de ‘aha-erlebnis’ waar u wellicht al zo lang naar op zoek was. En wordt het dan toch allemaal wat ingewikkeld, dan loodst hij de lezer snel en zeker langs eventuele barrières en valkuilen. De boeken van Ronald vind je hier.
Het is best aardig om eens te kijken naar een scala aan feiten over social media, daar zit namelijk verdraaid interessante informatie tussen. Afkomstig uit mijn Handboek Social Media Marketing, 4e editie.
Het aantal gebruikers van sociale media groeit snel, net als de netwerken zelf. Die gebruikers worden wereldwijd jonger, maar ook ouder. Ook neemt de tijd toe die wij aan sociale media besteden. Bij het kritisch kijken naar de cijfers en het bereik moeten we een onderscheid maken betreffende het aantal accounts of gebruikers en het daadwerkelijk actief zijn. Wereldwijd zijn er bijna vijf miljard actieve gebruikers volgens onderzoeker Brandwatch. Opvallend is dat 77 procent van de internetters blogs leest en een steeds groter deel naar podcasts luistert. Portal Brandwatch zegt dat wij gemiddeld 145 minuten per dag op sociale media zitten. Facebook – dat door Mark Zuckerberg in 2004 is opgericht – kende – volgens het netwerk zelf – anno 2023 meer dan drie miljard accounts met zo’n 85 procent voornamelijk mobiele gebruikers.
We kennen en gebruiken het (bijna) allemaal, maar wat zijn sociale media nou eigenlijk? En hoe kun je ze als bedrijf op een positieve manier inzetten? Ik leg het u haarfijn in mijn lekker dikke pil onder de titel Handboek Social Media Marketing, 4e editie. En hieronder alvast in een meer beknopte uitleg.
Sociale media zijn in principe de meest menselijke – en persoonlijke vormen van digitale marketing en niet zomaar business to business of business to consumer. De wereld verandert; we willen (weer) gewaardeerd worden, ook als het gaat om verkopen (sociaal verkopen of sociale handel). Juist bij het verkopen is het menselijk aspect van enorm belang. Sociale media zijn vooral human2human (h2h). In het geval van h2h deelt u bijvoorbeeld relevante, vakinhoudelijke kennis die de emotionele kant van de klantrelatie aanspreekt. De emotionele kant zorgt voor het sociale aspect en voor de daadwerkelijke binding in de relatie. Zo laat ons brein – van ons zoogdieren – zich gemakkelijk beïnvloeden en verleiden tot een keuze. De mix van relevante kennisdeling, de emotionele band en het socialemediaplatform kunnen zo voor nog meer verspreiding, binding en actie zorgen. Zo wordt je minder snel vergeten en zorgt de snelle herkenbaarheid voor een zogenoemde sociaal merk.
We vroegen ChatGPT 4 eens om het belang van back-ups maken uit te leggen en hoe je back-ups maakt. Tenslotte lééft ChatGPT in een datacenter waar back-ups in zijn (haar?) geval letterlijk van levensbelang zijn. Dus wat ChatGPT zegt, moet wel kloppen…
Het is je misschien al eens overkomen: je werkt urenlang aan een belangrijk document, alleen om het plotseling te verliezen door een computerfout. Of nog erger, je harde schijf crasht volledig en je verliest al je foto’s, video’s en andere persoonlijke bestanden. Het maken van back-ups kan deze stressvolle situaties voorkomen. Maar wat is een back-up precies? En hoe kun je deze het beste maken? In dit artikel behandelen we alles wat je moet weten over back-ups, externe harde schijven, USB-geheugensticks, een NAS en cloud-back-ups.
Wat is een Back-up?
Een back-up is een kopie van je gegevens die wordt opgeslagen op een tweede locatie. Deze kan gebruikt worden om verloren of beschadigde gegevens te herstellen. Het is als een verzekering voor je digitale leven, die ervoor zorgt dat je belangrijke gegevens niet permanent verloren gaan.
Als hoofdsystemen gebruik ik Mac’s en een iPad. Maar er stonden ook nog twee oudere Windows-machines. Een systeem is nu definitief over van Windows naar Linux en dat om diverse redenen. En dat overstappen helemaal niet ingewikkeld hoeft te zijn, lees je in het boek Overstappen naar Linux.
Sinds Microsoft in alle wijsheid en vooral tamelijk willekeurig vele generaties pc’s en laptops kunstmatig heeft verouderd met de komst van Windows 11, is het aftellen geblazen. In 2025 is het over en uit voor Windows 10. En voor veel gebruikers en bedrijven is ook het moment gekomen om zich af te vragen of er opnieuw een heel wagenpark aan traditionele pc’s vervangen moet worden. CPU’s van hooguit drie jaar uit vormen al een obstakel voor de installatie van Windows 11, en ook het ontbreken van een TPM-module betekent een no go. Goed, daar zijn allerlei trucs voor te verzinnen om die beperkingen te omzeilen. Maar je zit dan wel met een systeem opgescheept waarvan je niet weet hoe lang het nog updates krijgt. Is voor een hobbymachine wellicht nog te doen, maar niet voor zakelijk gebruik.
Ronald Smit kan dankzij een combinatie van een elektronica- en een journalistieke opleiding (afstudeerrichting radio en nieuwe media) technische zaken op een heldere en eenvoudige manier uitleggen. Zijn jarenlange schrijfervaring voor onder meer Computer Idee geeft u al snel de ‘aha-erlebnis’ waar u wellicht al zo lang naar op zoek was. En wordt het dan toch allemaal wat ingewikkeld, dan loodst hij de lezer snel en zeker langs eventuele barrières en valkuilen. De boeken van Ronald vind je hier.
Net als met elk stuk gereedschap dat ooit door de mensheid is uitgevonden, behoort misbruik van ChatGPT ook tot de mogelijkheden. In het boek Hallo, ik ben ChatGPT – grotendeels geschreven door ChatGPT zelf – lees je er alles over. Hier alvast een extract uit het boek betreffende dit onderwerp.
Er zijn al gevallen van misbruik van ChatGPT bekend. Zo zijn er bijvoorbeeld chatbots ontwikkeld die worden gebruikt om nepnieuws te verspreiden of om mensen te misleiden. Ook zijn er phishingaanvallen uitgevoerd waarbij gebruik werd gemaakt van chatbots die werden getraind met behulp van ChatGPT-technologie. Deze gevallen benadrukken het belang van het zorgvuldig evalueren van de risico’s en uitdagingen van de verdere ontwikkeling van ChatGPT en het nemen van maatregelen om misbruik van deze technologie te voorkomen.
Rapid growth of ‘news’ sites using AI tools like ChatGPT is driving the spread of misinformation (mei 2023): mijn.cc/gpt26.
AI chatbots making it harder to spot phishing emails, say experts (maart 2023): mijn.cc/gpt27.
Chatbots, deepfakes, and voice clones: AI deception for sale (maart 2023): mijn.cc/gpt28.
Het is mogelijk om met behulp van AI steeds betere (lees: indrukwekkender) content te genereren. Maar hoe werkt ChatGPT nou eigenlijk? Hieronder een uitleg afkomstig uit mijn boek Hallo, ik ben ChatGPT.
ChatGPT is een AI-model dat is ontworpen om mensachtige interacties te kunnen voeren en te begrijpen wat mensen zeggen. Om dit mogelijk te maken, maakt ChatGPT gebruik van geavanceerde technologieën, zoals machine learning en deep learning, om zichzelf te trainen en te verbeteren.
Om het eenvoudig te houden, kan ChatGPT worden beschouwd als een model dat wordt getraind om woorden en zinnen te begrijpen en te leren hoe het op een mensachtige manier kan reageren op basis van die input. Het model is getraind op enorme hoeveelheden tekstdata, die het gebruikt om verbanden te leggen tussen verschillende woorden en zinnen.
De toekomst van veel werk lijkt richting ChatGPT en soortgelijken te lonken. Maar wat precies zijn de toepassingen van ChatGPT? Dat legt het systeem haarfijn zelf uit in het boek ‘Hallo, ik ben ChatGPT’.
ChatGPT ziet zelf onder meer de volgende toepassingen. Waarbij geldt dat er in het boek zelf nog meer aan bod komen!
Chatbots
Een van de meest populaire toepassingen van ChatGPT is de chatbot. Chatbots zijn geautomatiseerde gesprekspartners die zijn ontworpen om mensachtige interacties te kunnen voeren. ChatGPT wordt vaak gebruikt als de kern van chatbots om op een natuurlijke en mensachtige manier met gebruikers te kunnen communiceren.
Chatbots zijn overal te vinden, van klantenservice tot online shopping. Door ChatGPT als de kern van chatbots te gebruiken, kunnen bedrijven natuurlijke en mensachtige interacties hebben met hun klanten, waardoor het proces efficiënter en effectiever wordt. Chatbots kunnen worden geprogrammeerd om antwoorden te geven op veelgestelde vragen, problemen op te lossen en zelfs conversaties te voeren op een manier die lijkt op menselijke gesprekken.
Als u ‘t wilt, dan behoort tabellen maken in HTML5 vanzelfsprekend tot de mogelijkheden, beter dan ooit zelfs. Hoe het werkt leg ik uitgebreid uit in mijn boek Handboek HTML 5 en CSS. Hieronder vast een intro!
Met de komst van HTML 5 kon de tabel weer worden gebruikt waarvoor hij is bedoeld: het weergeven van gestructureerde informatie. Mocht u net instappen: tabellen hebben jarenlang dienstgedaan als lay-outhulpmiddel, of beter: als het fundament, de wanden en het dak van websites. Met het volwassen worden van CSS en de groeiende mogelijkheden voor het maken van mooie, solide en flexibele lay-outs kon de tabel terug naar zijn oorsprong: geordende lijst, voor het leesbaar maken van een (groot) aantal feiten of gegevens, gewoonlijk enkel in namen en cijfers en zo gegroepeerd, dat men ze gemakkelijk kan overzien (Dikke Van Dale).
Tabellen kent u dus. In rijen en kolommen die elkaar kruisen en daarmee een raster van cellen vormen, wordt informatie geplaatst. Cijfers, tekst, afbeeldingen, hyperlinks, het kan allemaal in een tabel worden opgenomen (er gingen immers ooit complete webpagina’s in). Tabellen kunnen bijzonder complex zijn, met cellen die meerdere kolommen of meerdere rijen overspannen. In die zin zijn tabellen in HTML niet anders dan spreadsheets of tabellen in kantoorsoftware. Het verschil zit natuurlijk in de manier waarop u een tabel maakt. Daarover gaat dit hoofdstuk. U leert alles over <table>, <tr>, <td> en al die andere elementen die van uw data een keurige tabel maken.
De structuur van een HTML-tabel
Een tabel kan nog verrassend veel verschillende elementen bevatten, als u alle mogelijkheden benut. Lang niet alle elementen zijn verplicht en diverse sluittags mogen worden weggelaten, waardoor een tabel zo eenvoudig kan zijn als het volgende voorbeeld van een tabel met één rij en één kolom:
<table> <tr><td>Tabel met 1 cel </table>
Voor een beter overzicht adviseren we echter in een tabel ook alle sluittags te gebruiken. Het kan bovendien helpen om de elementen op afzonderlijke ingesprongen regels te typen. De aanbevolen notatie ziet er dan zo uit:
<table> <tr> <td>Tabel met 1 cel</td> </tr> </table>
Zo eenvoudig is een tabel natuurlijk nooit. We bekijken de opbouw van een tabel aan de hand van iets realistischer voorbeeld: een overzicht van HTMLversies:
U ziet in deze HTML-code drie belangrijke tabelelementen: <table>, <tr> en <td>. In de afbeelding is te zien dat dit overzicht nog niet erg duidelijk is, doordat een rand of andere visuele aanwijzingen ontbreken. Ook staat de inhoud nogal dicht op elkaar. Maar u weet intussen: dat is opmaak en hier gaat het over structuur.
De tabel heeft niet alleen visueel een probleem. Er zijn weliswaar rijen en kolommen, maar de samenhang ontbreekt en dat is een probleem voor mensen met een visuele beperking. De schermleessoftware heeft meer aanknopingspunten nodig. De elementen die daarvoor kunnen zorgen komen in de volgende paragrafen voorbij.
Een tabel van twee rijen en negen kolommen, maar erg overzichtelijk is het nog niet.
De basis: <table>
De basis van elke tabel wordt gevormd door het element <table>. Het is de ancestor (voorouder) van alle andere tabelelementen. <table> heeft alleen de globale attributen.
In een tabel kunnen nogal wat andere elementen worden gebruikt. Ze zijn niet allemaal verplicht, maar wel noodzakelijk voor toegankelijke tabellen. En als u ze gebruikt, is de volgorde belangrijk. De juiste volgorde is:
Handboek HTML 5 en CSS, 6e editie
HTML en CSS zijn twee onmisbare technieken voor het maken van webpagina’s en webapps. Zonder HTML zijn er geen webpagina’s en zonder CSS zien ze er wel erg kaal uit. In deze zesde, bijgewerkte editie van het Handboek HTML 5 en CSS leert u met beide webtalen werken. U leert eerst hoe u de content markeert met HTML. Daarna maakt u de onderdelen van de pagina op met CSS. Het uitgangspunt daarbij is dat u niet alleen leert dát dingen werken, maar vooral waaróm ze werken.
U krijgt uitleg over het structureren van HTML-documenten en het markeren van alle onderdelen: paginakop, artikelkoppen, tekst, lijsten, hyperlinks, afbeeldingen, video en audio, formulieren en tabellen. Een goede paginastructuur in HTML is de beste garantie voor een geslaagde lay-out en opmaak met CSS.
De tweede helft van het boek behandelt het maken van lay-outs en het opmaken van de onderdelen met CSS. Er wordt uitgebreid ingegaan op responsive design met alle technieken die CSS daarvoor biedt: gridlay-out, flexbox, multi-column en positionering.
U leert hoe u lettertypen downloadt, tekst opmaakt, navigatiemenu’s vormgeeft, kleur gebruikt en achtergronden maakt. Ook het werken met CSS-functies en het maken van overgangen, animaties en transformaties in 2D en 3D komen aan bod.
Het boek is uitgebreid met uitleg over toegankelijkheid, container queries, een nieuw hulpmiddel voor responsive design, en cascade layers, voor meer controle over de cascade.
Op handboek-html-css.nl vindt u code en (interactieve) voorbeelden.
Dit leerboek en naslagwerk geeft een stevige ondergrond voor het werken met de technieken die de basis vormen van modern webdesign.
Het is dit jaar precies 40 jaar geleden dat de eerste versie van Windows op de wereld werd losgelaten. Om precies te zijn hebben we het dan over 20 november 1985. 40 jaar Windows: Van MS-DOS tot het einde van een tijdperk. Het veroorzaakte geen enkele reuring, de release van Microsoft Windows 1.0. Nu was…
Als vervolg op mijn blogpost over het gebruik van passkeys – Inloggen zonder wachtwoorden! Waarom Passkeys nu echt de moeite waard zijn – kwam ik nog twee artikelen tegen op het web. Bij ZDNET las ik een verhaal over de hobbelige weg die het overstappen naar passkeys nog is en bij PCWorld las ik een…
Paniek in de tent! De abonnementsprijzen voor de Creative Cloud Fotografielidmaatschappen gaan omhoog! De prijs voor het fotografielidmaatschap gaat van $ 9,99 naar $ 14,99 per maand. Een fikse prijsverhoging van $ 5,-! (Ik heb nog geen Nederlandse prijzen, dat is blijkbaar een flinke rekensom voor Adobe.) 60 dollar per jaar duurder, dat is geen…
Wat is er nieuw in Photoshop Elements 2025? Best wel veel nieuw leuks. Net als in grote broer Photoshop zitten er in Photoshop Elements 2025 nieuwe AI-gereedschappen om je met het bewerken van je foto’s te helpen. Je kunt bijvoorbeeld makkelijk de kleur van een object veranderen. Er is een filter waarmee de scherptediepte van…
Het is weer oktober, en ja, daar is Adobe weer met allemaal vernieuwingen in de software. Altijd tijdens Adobe MAX laat Adobe zien waaraan ze dit jaar hebben gewerkt om hun software nog slimmer, handiger en productiever te maken. De spectaculairste vernieuwing zit in Adobe Premiere, waarin je nu stukjes video generatief kunt toevoegen. Natuurlijk…
Vriend en collega Pieter Dhaeze schreef op zijn site EOSzine over de redenen waarom hij al jaren bijna uitsluitend Photoshop en Lightroom Classic gebruikt er daar tutorials voor maakt, terwijl er toch zoveel alternatieven zijn. Nu we samen net weer een nieuw boek hebben – Ontdek Lightroom Classic, 4de editie – is het misschien voor…
Peter Doolaard is auteur van het Handboek HTML5 en CSS3. Dat geeft een behoorlijk compleet overzicht van wat HTML en CSS te bieden hebben. Hij werkt nu aan een nieuw boek: Websites bouwen met HTML, CSS en JavaScript. Een praktisch doe-boek, met vragen, opdrachten en projecten. En natuurlijk uitleg over HTML-elementen, CSS-eigenschappen en JavaScript-opdrachten. De komende tijd publiceert Computer Creatief artikelen die je een idee geven van wat je van het nieuwe boek kunt verwachten. Bekijk alle boeken van Peter.
Om een webpagina op elk schermformaat prettig leesbaar te houden dient een website-ontwikkelaar daar rekening mee te houden. Maar wat is responsive design nou precies? Ga ik uitgebreid op in in mijn boek Handboek HTML 5 en CSS, hieronder lees je alvast het antwoord op de vraag!
Een webpagina moet op elk schermformaat bruikbaar zijn. Hij hoeft er niet altijd hetzelfde uit te zien (dat kan ook niet), maar de informatie moet in het scherm passen en leesbaar zijn, knoppen en links moeten groot genoeg zijn om erop te kunnen tikken en formulieren moeten bruikbaar zijn, om maar een paar dingen te noemen. Omdat een webontwikkelaar niet weet of de bezoeker een telefoon, een tablet, een laptop of een bureaucomputer gebruikt, moeten er verschillende versies van het ontwerp worden gemaakt. Niet precies op maat voor een bepaalde schermgrootte, maar met overgangen naar een andere lay-out op punten waar het ontwerp niet meer klopt (‘breekt’).
Peter Doolaard is auteur van het Handboek HTML5 en CSS3. Dat geeft een behoorlijk compleet overzicht van wat HTML en CSS te bieden hebben. Hij werkt nu aan een nieuw boek: Websites bouwen met HTML, CSS en JavaScript. Een praktisch doe-boek, met vragen, opdrachten en projecten. En natuurlijk uitleg over HTML-elementen, CSS-eigenschappen en JavaScript-opdrachten. De komende tijd publiceert Computer Creatief artikelen die je een idee geven van wat je van het nieuwe boek kunt verwachten. Bekijk alle boeken van Peter.
HTML is tegenwoordig nagenoeg onlosmakelijk verbonden met CSS, maar wat is CSS nou precies en wat kun je ermee? Dat leg ik uit in mijn Handboek HTML 5 en CSS.
CSS is de afkorting van Cascading Style Sheets, in het Nederlands soms ook trapsgewijs opmaakmodel genoemd. Het begrip cascading/trapsgewijs is uiteraard een belangrijk kenmerk en dat wordt hierna uitgelegd. CSS is de opmaaktaal voor HTML (en XHTML, XML). Het definieert welk lettertype wordt gebruikt, in welke grootte en met welke kleur, of er een achtergrondkleur of achtergrondafbeelding is, hoeveel ruimte er tussen elementen moet zijn enzovoort. Alles (of bijna alles) wat u aan opmaak kunt bedenken, kan met CSS worden gemaakt. CSS wordt beheerd door het World Wide Web Consortium (W3C, waarover meer informatie in ‘t begin van mijn boek is te vinden)
Peter Doolaard is auteur van het Handboek HTML5 en CSS3. Dat geeft een behoorlijk compleet overzicht van wat HTML en CSS te bieden hebben. Hij werkt nu aan een nieuw boek: Websites bouwen met HTML, CSS en JavaScript. Een praktisch doe-boek, met vragen, opdrachten en projecten. En natuurlijk uitleg over HTML-elementen, CSS-eigenschappen en JavaScript-opdrachten. De komende tijd publiceert Computer Creatief artikelen die je een idee geven van wat je van het nieuwe boek kunt verwachten. Bekijk alle boeken van Peter.
Als u zelf wilt gaan stoeien met webcode, dan zijn hulpmiddelen voor ontwikkeling van HTML en CSS natuurlijk onontbeerlijk. Die hoeven niet eens geld te kosten, zo laat ik zien in mijn Handboek HTML 5 en CSS.
Om webpagina’s te kunnen schrijven, hebt u geen bijzondere of dure software nodig. In theorie is elke tekstverwerker (editor) waarmee tekst als kale ASCIItekst kan worden opgeslagen geschikt. Kladblok (voor Windows) of TekstEditor/SimpleText (voor Mac) voldoet al! Maar voor een comfortabeler leven als webdeveloper zijn er ook tal van gespecialiseerde programma’s beschikbaar. Veel ervan zijn gratis.
Peter Doolaard is auteur van het Handboek HTML5 en CSS3. Dat geeft een behoorlijk compleet overzicht van wat HTML en CSS te bieden hebben. Hij werkt nu aan een nieuw boek: Websites bouwen met HTML, CSS en JavaScript. Een praktisch doe-boek, met vragen, opdrachten en projecten. En natuurlijk uitleg over HTML-elementen, CSS-eigenschappen en JavaScript-opdrachten. De komende tijd publiceert Computer Creatief artikelen die je een idee geven van wat je van het nieuwe boek kunt verwachten. Bekijk alle boeken van Peter.
Om internet echt bruikbaar te maken waren (en zijn) afspraken over webtalen als html en CSS noodzakelijk. Hoe dat geregeld werd en wordt lees je in dit artikel, afkomstig uit mijn Handboek HTML 5 en CSS.
De ontwikkeling van HTML 5 begon al in 2007. Sinds 2011 is het beschikbaar in de webbrowsers. De specificatie was toen nog volop in ontwikkeling, maar de belangrijkste elementen waren al omarmd door de gemeenschap van webbouwers en door browserfabrikanten. In 2014 heeft de beheerder van de webtalen, het World Wide Web Consortium (W3C) de specificatie ‘definitief’ vastgesteld (in W3C-termen is het dan de aanbevolen specificatie, gelabeld als recommendation). Definitief staat niet voor niets tussen aanhalingstekens, want het werk aan de specificatie gaat gewoon door. Het betekent alleen dat die versie wordt bevroren en dat het werk verder gaat in de volgende versie. Die kwamen er in 2016, en zelfs twee keer in 2017.
Daarna is de ontwikkeling van de HTML-specifcatie overgedragen aan een andere organisatie: WHATWG. Die doet niet aan versienummers en werkt dus dagelijks aan HTML, the living standard. Elke revisie bevat kleine veranderingen. Vaak zijn het aanvullingen en verbeteringen gebaseerd op hoe HTML wordt gebruikt en op reacties uit de gebruikersgemeenschap. Soms wordt een element afgekeurd (omdat het nauwelijks wordt gebruikt) of verandert de toepassing ervan. Breaking changes zijn in elk geval niet te verwachten, omdat het web nu eenmaal niet mag ‘breken’.
Peter Doolaard is auteur van het Handboek HTML5 en CSS3. Dat geeft een behoorlijk compleet overzicht van wat HTML en CSS te bieden hebben. Hij werkt nu aan een nieuw boek: Websites bouwen met HTML, CSS en JavaScript. Een praktisch doe-boek, met vragen, opdrachten en projecten. En natuurlijk uitleg over HTML-elementen, CSS-eigenschappen en JavaScript-opdrachten. De komende tijd publiceert Computer Creatief artikelen die je een idee geven van wat je van het nieuwe boek kunt verwachten. Bekijk alle boeken van Peter.